Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb
0

Waarom 1 juli 2023 een onhaalbare inwerkingtredingsdatum voor de Omgevingswet is

Op vrijdag 14 oktober 2022 maakte minister Hugo de Jonge bekend de lopende voorhangprocedure af te breken en zo spoedig mogelijk de gekozen nieuwe datum (1 juli 2023) op te zullen nemen in een ontwerp-koninklijk besluit (KB) dat wordt voorgehangen bij het parlement. De datum is onhaalbaar. Het noemen heeft slechts voortdurende onzekerheid en onduidelijkheid tot gevolg.

19 oktober 2022

Opinie

Opinie

Hieronder staat een tijdlijn die als ''de geschiedenis zich herhaalt'' – en waarom zou dat niet zo zijn – inwerkingtreding met ingang van 1 juli 2023 nu al uitsluit.

In een procedurevergadering van de EK-commissies IWO en EZK/LNV op 18 oktober 2022 hebben de commissies besloten om het onder voorbehoud op 1 november 2022 geplande debat over het bij de Kamer voorgehangen ontwerp-KB tot inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2023 te annuleren.

Dat past op zich wel bij het afbreken van de voorhangprocedure. Nu de minister direct al een nieuwe datum verkondigt, zou het wel nuttig zijn geweest als hij die datum zou willen verantwoorden in een plenair debat of daarvoor ontboden zou worden in een mondeling overleg.

Het zou hem informatie opleveren waarom er beter een andere datum kan worden genoemd.

Een in tijd gezet overzicht van de gevoerde voorhangprocedures

Achtergrond

In gevolge artikel 23.10 tweede lid van de Omgevingswet wordt het KB gedurende vier weken voorgehangen. Daarmee gaat de wetgever uit van een onzekerheid van maximaal vier weken. Zowel Ollongren als De Jonge hebben toezeggingen gedaan dat het parlement niet gehouden zal worden aan de vier wekentermijn.

Bij de nieuwe planning is het verstandig om niet uit te gaan van de vier wekentermijn en zich rekenschap te geven dat de EK al bijna een jaar bezig was met de op 14 oktober afgebroken voorhangprocedure. Er is blijkbaar tijd nodig.

Tijdlijn

1. De inwerkingtredingsdatum van 1 januari 2022

  • Op 17 december 2020 werd het ontwerp-KB met de datum 1 januari 2022 voorgehangen bij het parlement.

  • Op 25 februari 2021 rondde de TK de voorhangprocedure af met een stemming over de moties.

  • Bij brief van 27 mei 2021 berichtte de MBZK de EK dat de voorhangprocedure werd afgebroken (Kamerstukken I 2020/21, 33 118, CF).

2. De inwerkingtredingsdatum van 1 juli 2022

  • Bij die brief van 27 mei 2021 berichtte de MBZK ook dat de nieuwe datum van 1 juli 2022 zou worden opgenomen in een ontwerp-KB dat het parlement zou worden toegezonden na de zomer van 2021 (Kamerstukken I 2020/21, 33 118, CF).

  • Uitgaande van die datum hebben zowel de TK als de EK voorbereidingen getroffen door het stellen van vragen en het organiseren van deskundigenbijeenkomsten.

  • Op 1 februari 2022 schreef minister de Jonge dat niet langer werd uitgegaan van 1 juli 2022 (Kamerstukken I 2021/22, 33 118, DF).

  • Die datum is overigens ook geen onderwerp van een ontwerp-KB geweest.

3. De inwerkingtredingsdatum van 1 januari 2023

  • Op 23 februari 2022 werd de datum van 1 januari 2023 opgenomen in een ontwerp-KB (Kamerstukken I 2021/22, 33 118, DJ).

  • Op 12 april 2023 sloot de TK de voorhangprocedure af met een stemming over de moties (Handelingen TK 2021/22, nr. 71, item 9).

  • De Eerste Kamer besloot op 5 juli 2022 om het plenair debat onder voorbehoud te plannen

    op 1 november 2022.

    Bij brief van 14 oktober heeft de MVRO besloten de voorhangprocedure af te breken (Kamerstukken I 2022/23, 33 118, EK).

4. De inwerkingtredingsdatum van 1 juli 2023

  • Bij brief van 14 oktober heeft de MVRO ook aangekondigd om de nieuwe datum van 1 juli

    2023 op te nemen in het voor te hangen KB (Kamerstukken I 2022/23, 33 118, EK).

  • In de brief van 14 oktober 2022 staat:

    ''Wel hebben we van de afgelopen periode geleerd dat het voor de uitvoeringspraktijk niet hanteerbaar is gebleken dat er kort voor de beoogde invoeringsdatum nog geen duidelijkheid is. Het is daarom, in verband met een zorgvuldige invoering voor de uitvoeringspraktijk, van belang zo vroeg mogelijk in 2023 zicht te hebben op een definitief en gepubliceerd KB met de inwerkingtredingsdatum. Ik ga dan ook graag met uw Kamer in gesprek over het vervolgproces op weg naar de parlementaire besluitvorming over de nieuwe datum van inwerkingtreding.''

  • Het ontwerp-koninklijk besluit is nog niet voorgehangen. Al eerder heeft de minister (toen MBZK) zich niet gehouden aan de toezegging om de datum van 1 juli 2022 – toen - na de zomer van 2021 op te nemen in een ontwerp-KB. Het is dan nog even de vraag wanneer de datum van 1 juli 2023 of wellicht toch 1 januari 2024 wordt toegezonden aan het parlement. Dit keer zullen beide Kamers wel wachten met het treffen van voorbereidingen tot dat het ontwerp-KB ontvangen is.

  • De minister gaat er van uit dat dit keer het parlement binnen drie maanden de voorhangprocedure afrondt. Dat is aanmerkelijk korter dan bij de voorhang over de data 1 januari 2022 en 1 januari 2023. Het is mij niet duidelijk waar die gedachte op gebaseerd is. In ieder geval niet op ervaringen opgedaan met de eerdere voorhangprocedures.

  • Die ervaringen sluiten publicatie van het KB begin 2023 en dus inwerkingtreding met ingang van 1 juli 2023 uit.

  • Met het hebben van een KB zo vroeg mogelijk in 2023 stapt de minister nu reeds af van de eerder door hem zo belangrijk gevonden halfjaarstermijn die van start gaat met de publicatie van het KB in het Staatsblad.

De Tweede Kamer zal ongetwijfeld voor het einde van het jaar het plenair debat willen houden en stemmen over eventuele moties. Wederom zullen alle pijlen worden gericht op de (nieuwe?) Eerste Kamer.

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.