Menu

Filter op
content
Omgevingsweb

Overgangsrecht Omgevingswet (deel 3)

6 februari 2024

Samenvatting

Samenvatting

Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Een aantal recent uitspraken laat zien in hoeverre voor verschillende situaties overgangsrecht van toepassing is: 

  • Bestuurlijke sanctie: uit art. 4.23, eerste lid, Invoeringswet Omgevingswet (“IwOw”) blijkt dat het oude recht van toepassing blijft op een bestuurlijke sanctie die voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet is opgelegd voor een overtreding die voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft plaatsgevonden. Dit geldt dus ook voor een  last onder dwangsom en besluit tot invorderen van een verbeurde dwangsom die zijn genomen voor 1 januari 2024 (vgl. de uitspraak van Rechtbank Zeeland-West-Brabant van 22 januari 2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:371);

  • Besluit tot wijzigen Habitatrichtlijngebied: als het op de (per 1 januari 2024 vervallen) Wet natuurbescherming gebaseerde ontwerpbesluit vóór 1 januari 2024 ter inzage is gelegd, volgt uit art. 4.4 IwOw dat een geschil over het definitieve wijzigingsbesluit moet worden beoordeeld aan de hand van het recht zoals dat gold tot 1 januari 2024 (vgl. de uitspraak van de Rechtbank Rotterdam van 25 januari 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:604);

  • Exceptieve toetsing van een onder oud recht vastgestelde provinciale verordening: Omdat de Omgevingswet en de daarbij behorende besluiten op het moment van het vaststellen van het plan nog niet in werking waren getreden, hoeft het plan niet aan die regels te voldoen. Een besluit moet voldoen aan de relevante regels die gelden op het moment dat dat besluit wordt genomen. Er is daarom geen aanleiding om de bepalingen van de provinciale verordening exceptief te toetsen aan de Omgevingswet dan wel aan uitvoeringsbesluiten daarvan (vgl. de Afdelingsuitspraak van 24 januari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:249);

  • Verzoek om tegemoetkoming in planschade: in art. 4.19 IwOw heeft de wetgever regels van overgangsrecht gegeven voor een verzoek om vergoeding van schade die is geleden door de inwerkingtreding van een besluit als bedoeld in art. 6.1, tweede lid, aanhef en onder a, b, e of f, Wet ruimtelijke ordening (Wro). In het derde lid is bepaald dat het oude recht van toepassing blijft op een dergelijk verzoek tot het besluit op dat verzoek onherroepelijk wordt en, bij toewijzing van het verzoek, de toegewezen schadevergoeding volledig is betaald (vgl. de Afdelingsuitspraak van 24 januari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:225). 

 

Artikel delen