Menu

Filter op
content
Omgevingsweb

Interessante uitspraak over belanghebbendheid: vrees voor wildschade op agrarische percelen reden voor belanghebbendheid

10 februari 2024

Jurisprudentie – Samenvattingen

Een interessante uitspraak over de toepassing van het belanghebbende-begrip (art. 1:2, lid 1 Awb). Ditmaal van de Rechtbank Limburg, ECLI:NL:RBLIM:2024:490. Het betreft hier beroepen van agrariërs tegen een omgevingsvergunning voor een zonnepark met landschappelijke inpassing in agrarisch gebied. Er bestaat belanghebbendheid vanwege hun vrees voor wildschade als gevolg van de omgevingsvergunningverlening.

Volgens vaste rechtspraak is het uitgangspunt dat degene die rechtstreeks feitelijke gevolgen ondervindt van een activiteit die een omgevingsvergunning toestaat, in beginsel belanghebbende is. Het criterium ‘gevolgen van enige betekenis’ dient als correctie hierop. Gevolgen van enige betekenis ontbreken indien de gevolgen wel zijn vast te stellen, maar de gevolgen van de activiteit voor de woon, leef- of bedrijfssituatie van betrokkene zo gering zijn dat een persoonlijk belang bij het besluit ontbreekt.

De afstand tussen de (woon)percelen van eisers 1 tot het zonnepark bedraagt ongeveer 1.400 m. respectievelijk 2.600 m. Het perceel van eisers 2 is gelegen op ca. 1.100 m. Gelet op deze afstanden is er geen zicht van enige betekenis op het zonnepark. In ABRvS 26 juni 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1981 is een oordeel gegeven over de belanghebbendheid van een omwonende bij een omgevingsvergunning voor het realiseren van een zonnepark. Bij een afstand van 450 m. tussen het woonperceel en de zonneakker is het niet aannemelijk dat gevolgen van enige betekenis zullen worden ondervonden. Eisers 1 en eisers 2, ondervinden geen gevolgen van enige betekenis van het zonnepark.

Wat betreft de agrarische percelen nabij het zonnepark overweegt de rechtbank het volgende. De 3 agrarische percelen van eisers 1 grenzen niet aan het zonnepark en bevinden zich op (ongeveer) 300 en 350 m. van het zonnepark (gemeten van perceelsgrens tot perceelsgrens). De agrarische percelen van eisers 2 grenzen evenmin aan het zonnepark en het dichtstbijzijnde perceel is gelegen op een afstand van (ongeveer) 150 m. van het zonnepark. De genoemde rechtspraak m.b.t. de belanghebbendheid van eigenaren van aangrenzende percelen is dan ook niet van toepassing. Eisers 1 + eisers 2 stellen dat zij vrezen voor beperkingen in hun bedrijfsvoering. Ze vrezen voor wildschade op de percelen waar akkerbouw plaatsvindt. Ter zitting hebben eisers uitgelegd dat de landschappelijke inpassing rondom het zonnepark zal leiden tot meer wild in het gebied, omdat deze groenstrook zal zorgen voor schuil- en verblijfplaatsen voor het wild in het agrarische gebied. De rechtbank acht deze stelling niet onaannemelijk, zeker niet op voorhand (zonder inhoudelijke beoordeling). Dit betekent naar het oordeel van de rechtbank dat eisers 1 en 2 gevolgen van enige betekenis kunnen ondervinden van hetgeen de omgevingsvergunning mogelijk maakt.

Artikel delen