Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb
0

Stikstofstatus voor paardenhouderijen

Het stikstofbeleid is op dit moment een heikel punt. Sinds de uitspraak van de hoogste bestuursrechter in mei 2019 liggen ontwikkelingen stil vanwege stikstof. Vooral wanneer je als ondernemer wilt ontwikkelen loop je dan ook ongetwijfeld tegen het aspect stikstof aan.

LTO Nederland 13 mei 2021

Artikelen

Artikelen

Afgelopen jaar is er veel te doen geweest rondom de uitstoot van stikstof in Nederland en ook de paardenhouderijen moeten hieraan geloven. De daad om stikstof te verminderen ligt bij de ondernemers, maar voor de jurist is dit al lastige materie, laat staan dat het voor de ondernemers zelf te begrijpen is. Het was altijd zo dat als je tot 1 mol/hectare/jaar stikstof uitstootte je een PAS-melding in moest dienen, maar deze zijn afgelopen jaar komen te vervallen. En dus waren deze bedrijven in principe in één klap illegaal bezig. Minister Schouten beloofde eerder dat zij de PAS-meldingen wilde legaliseren. Dit kan door de meldingen om te zetten in vergunningen. Ondernemers die een PAS-melding hebben gedaan zijn hiervan per brief op de hoogte gesteld om gegevens aan te leveren. Om de PAS-melding om te kunnen zetten naar vergunningen moet echter eerst de benodigde stikstofruimte komen uit de zogeheten structurele aanpak stikstof. Daarvoor is recent de Wet stikstofreductie en natuurverbetering vastgesteld. Er wordt een ontwikkelreserve ingesteld om PAS-meldingen te legaliseren en projecten van nationaal belang door te kunnen laten gaan.

Geen natuurbeschermingswetvergunning
Er zijn bedrijven die reeds al beschikken over een vergunning van de Provincie op grond van de Wet natuurbescherming. Dan is het duidelijk hoeveel stikstofrechten een bedrijf heeft, want die staan in de vergunning. Er zijn echter ook veel bedrijven zonder vergunning. Ofwel omdat er nooit aanleiding was om een dergelijke vergunning aan te vragen, of omdat er sprake was van een PAS-melding. Als een bedrijf geen vergunning heeft op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb), wat dan? Heeft iemand dan geen stikstofrechten? De situatie is dan complexer van aard.

Een activiteit, zoals het houden van dieren en bemesting van gronden, kan vanwege ammoniakemissies effect hebben op één of meer Natura 2000-gebieden. De ammoniak daalt daar neer in de vorm van stikstofdepositie. Rekenmodel Aerius Calculator berekent hoeveel stikstofdepositie neerdaalt in elk Natura 2000-gebied. Hoe dichter een bedrijf bij een Natura 2000-gebied ligt, hoe meer depositie daar – afkomstig van het bedrijf – neerslaat. Stikstof wordt uitgedrukt in mol/ha/j.

Als een bedrijf niet beschikt over een natuurbeschermingswetvergunning, maar wel al bestond op het moment van het aanwijzen van de relevante Natura 2000-gebieden, dan spreken we over een bestaande situatie op de referentiedatum van Natura 2000-gebieden. Indien de activiteiten sinds de referentiedata ongewijzigd zijn voortgezet, dan geldt geen vergunningplicht op grond van de Wet natuurbescherming. Wanneer voor een activiteit een milieutoestemming is verleend, dan is het gebruik dat op grond daarvan tot stand is gebracht en wordt voortgezet rechtmatig en is er sprake van een zogenaamd bestaand recht.

In het geval er dus geen vergunning inzake de Wet natuurbescherming is verleend, bestaan er potentieel wel stikstofrechten vanwege een bestaande en ongewijzigde situatie sinds de referentiedata van de relevante Natura 2000-gebieden. Vaak is er op een bedrijf sinds die referentiedata wel wat gebeurt. Er is wellicht bijgebouwd of er worden meer dieren gehouden. In dat geval is in de tussentijd een nieuwe milieutoestemming gekomen. Vaak is die milieutoestemming voor een lager aantal kilo’s ammoniak, dan de milieutoestemming op het moment van de referentiedata. In dat geval geldt altijd het laagste aantal kilo’s ammoniak dat sinds de referentiedata in een milieutoestemming is opgenomen.

Extern salderen
Op basis van een verleende vergunning op grond van de Wet natuurbescherming of een bestaande en ongewijzigde situatie sinds de referentiedata, heb je als paardenhouder een bepaalde “stikstofrechten”. Je mag op grond van de Wet natuurbescherming dan een bepaalde hoeveelheid stikstofdepositie op bepaalde Natura 2000-gebieden veroorzaken.

Het is op grond van artikel 2.7 Wet natuurbescherming verboden om zonder vergunning een project te realiseren dat gelet op de instandhoudingsdoelstellingen voor een Natura 2000-gebied de kwaliteit van natuurlijke habitats of de habitats van soorten in dat gebied kunnen verslechteren of een significant verstorend effect kunnen hebben op de soorten waarvoor dat gebied is aangewezen. Dit is bijvoorbeeld aan de orde als je als paardenhouder gaat uitbreiden en daarbij ammoniak uitstoot dat kan neerdalen als depositie in de natuur.

Bij een bepaalde ontwikkeling, bijvoorbeeld de uitbreiding van industrie of een veehouderij, kan sprake zijn van een toename aan stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden. Deze ontwikkeling kan worden vergund door elders stikstofdepositie op hetzelfde Natura 2000-gebied weg te nemen. In dat geval kan er stikstofdepositieruimte worden aangekocht door middel van extern salderen.

Over het algemeen heb je voor een paardenhouderij veel minder stikstofruimte nodig dan een varkensbedrijf, dus kan het zijn dat je die stikstofruimte die je op dat moment over hebt op de markt wilt brengen. Daar is momenteel veel handel naar vanuit andere bedrijven of de industrie. Wel moet je er goed op letten dat je niet eerst begint met het aanpassen van je stallen voor de paardenhouderij en daarna pas extern gaat salderen. Wanneer je extern gaat salderen moet de oude situatie van de varkensstallen nog wel intact zijn. Er hoeven geen varkens meer op het bedrijf aanwezig te zijn, maar de stalinrichting wel. Heb je wel al je verbouwing doorlopen dan ben je je stikstofruimte kwijt. Tijdens het verkopen van stikstofruimte, moet de situatie waarop de ruimte berust dus nog daadwerkelijk aanwezig zijn. Eerst stikstof verkopen en dan pas verbouwen dus. Wil je stikstofruimte verkopen? Dan moet je er wel rekening mee houden dat 30% ten goede komt aan de natuur en de resterende 70% daadwerkelijk verkocht mag worden. Verkoop je 100 kilo stikstofrechten dan moet je 30 kilo aan de natuur teruggeven en verkoop je de resterende 70 kilo.

Intern salderen
Wanneer bij het realiseren van een nieuwe of bestaande activiteit stikstof wordt uitgestoten, kan dit soms binnen het project of op dezelfde locatie worden opgelost. Als een paardenbedrijf bijvoorbeeld zodanig wordt aangepast dat er niet méér stikstofdepositie is, dan spreken we van intern salderen. Hoewel in januari van dit jaar de Raad van State uitspraak heeft gedaan dat het intern salderen zonder vergunning is toegestaan, betekent dit niet dat dit alle mogelijkheden open legt. Al speelt dit intern salderen vooral in andere diersectoren een rol en zijn er voor de paardenhouderij nog weinig systemen die de stikstofuitstoot verlagen. Wanneer je wilt uitbreiden dan kan dat dus niet zomaar en is het belangrijk om een adviseur in de arm te nemen die daar iets over weet en je kan helpen om de juiste stappen te nemen.

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.