Menu

Filter op
content
Omgevingsweb

Op reportage in Schiedam: hoe fysieke en sociale ingrepen hand in hand gaan bij het verbeteren van kwetsbare wijken

Om te zien hoe het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid van het kabinet in de praktijk werkt, ging PONT naar de wijk Oost in het Zuid-Hollandse Schiedam, samen met Nieuwland één van de twintig focusgebieden uit het programma. De aanpak in deze wijk bevestigt het belang van investeren in sociale én fysieke kenmerken, maar bovenal dat van bewonersparticipatie.

10 augustus 2023

Het wijkcentrum Schiedam-Oost

“Schiedam Nieuwland en Oost scoren beide ontzettend laag op leefbaarheid en veiligheid. Deze wijken verbeteren doe je niet alleen door meer politieagenten op straat te zetten, of vuil op te ruimen, maar ook door de omgeving en het onderwijs aan te pakken, of naar werk en inkomen te kijken. Dus door heel integraal het sociale en het fysieke met elkaar te verbinden.”

Dat zegt Barbara Vermaat over de problematiek in de Schiedamse wijken Nieuwland en Oost. Vermaat is programmamanager wonen en woonomgeving bij het Nationaal Programma Schiedam Nieuwland-Oost – een organisatie die los van de gemeente opereert.

Schiedam Nieuwland-Oost is één van de twintig zogenaamde ‘focusgebieden’ die het kabinet aanwees voor het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid, net als bijvoorbeeld Rotterdam-Zuid en Heerlen-Noord. Maatwerk is het credo bij het verbeteren van de Schiedamse wijken, in lijn met het programma van het kabinet.

Eén focusgebied, diverse wijken

Nieuwland en Oost zijn één focusgebied in de Rijksaanpak, maar het zijn wijken met uiteenlopende kenmerken en problematiek. Zo heeft Oost relatief weinig corporatiewoningen en veel particuliere huur. Nieuwland heeft juist veel kwalitatief laagwaardige corporatiehuur.

De particuliere woningen in Oost worden voornamelijk verhuurd aan arbeidsmigranten, die vaak een hoge huur betalen. Het hoge aantal arbeidsmigranten in de wijk zorgt voor overlast op het gebied van parkeren, geluid, vuil op straat en openbaar dronkenschap, zegt Vermaat.

“De arbeidsmigranten worden uitgebuit, binden zich niet aan de wijk en kinderen die in de wijk naar school gaan komen vanuit een achterstandspositie. In Oost gaan we deze situatie proberen te verbeteren door te investeren in de veiligheid, de onderlinge verbondenheid, de kwaliteit van de woningen en de openbare ruimte. Dat doen we via onderwijs, werk en inkomen en de aanpak van ondermijnende criminaliteit en huisjesmelkers. De sociale en fysieke aanpak gaan hierbij hand in hand”, zegt Vermaat.

Investeren in woningen beïnvloedt onderwijs

Vermaat illustreert hoe de samenhang tussen fysiek en sociaal in Oost uitpakt: “Oost is zéér gemengd. Er wonen meer dan 150 verschillende nationaliteiten, mensen van alle leeftijden en in principe ook mensen met alle inkomens. De verhoudingen in de wijk zijn wel dusdanig scheef dat de mensen minder kansen hebben om zich te ontwikkelen.”

“Dat komt vooral door het soort woningen dat er staat en hoe de omgeving is ingericht. Maar ook doordat er bijvoorbeeld zoveel kinderen op school komen met een taalachterstand, dat de scholen het niet meer kunnen behappen.”

Fysieke oplossingen kunnen vervolgens invloed hebben op de sociaaleconomische positie van de wijkbewoners, en vice versa. Vermaat: “Investeren in betere woningen biedt bewoners de kans om binnen de wijk door te stromen. Het biedt ook de mogelijkheid om financieel sterkere schouders aan te trekken, waarmee de wijk diverser wordt.”

Op scholen kan dit vervolgens zorgen voor leerlingendiversiteit en voor meer tijd en aandacht voor leerlingen met bijvoorbeeld een taalachterstand. Die zijn nu, tegen hun voordeel in, oververtegenwoordigd.


Portiekwoningen aan de Kamerlingh Onneslaan in Schiedam Oost

Betrekken van bewoners

In het Wijkcentrum Schiedam-Oost spreken we een aantal bewoners. Herstructurering in de wijk is volgens hen welkom, maar dan moeten de uitkomsten hun behoeften wel weerspiegelen. “Er zijn veel gebouwen die instorten en die mogen zeker worden gesloopt’’, zegt één van hen. Maar wel duidelijk met het verzoek dat hiervoor in de plaats meer toegankelijke en sociale huurwoningen komen.

Dit soort sentimenten meenemen in de wijkaanpak en bewoners betrekken bij de leefbaarheidsaanpak, is cruciaal voor succes. Het Rijk erkent dat, bijvoorbeeld bij het toekennen van Rijksbijdragen uit het Volkshuisvestingsfonds.

Dat is een pot van enkele honderden miljoenen waarmee gemeenten en regio’s kunnen investeren in de herstructurering van de woningvoorraad in kwetsbare wijken. Schiedam ontving eerder 11 miljoen euro uit het fonds, voor het verduurzamen van particuliere woningen en sloop-nieuwbouw in de Staatsliedenbuurt, onderdeel van Nieuwland.

Uit het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid: “Een belangrijk aandachtspunt bij het Volkshuisvestingsfonds zal zijn in welke mate de belangen van de zittende bewoners van een gebied zijn meegenomen in de plannen … Ook de mate waarin bewoners van een gebied participeren in de voorgenomen ontwikkelingen wordt een belangrijk punt van beoordeling.”

Invuloefening

Schiedam is ook van mening dat het betrekken van bewoners bij de wijkaanpakken belangrijk is. Bij het Nationaal Programma Nieuwland Oost moeten bewoners “samen met de overheid en betrokken organisaties samenwerken aan een mooiere toekomst”, staat op de site van de gemeente.

In de praktijk gaat dit echter nog niet altijd naar behoren, zegt Serap Onal, sociaal werker bij buurtontmoetingsplek Wijkhuis Schiedam-Oost. “Ruimtelijke plannen worden slechts aangekondigd bij de bewoners. Er wordt naar mijn idee eerder volgens de ‘participatieregels’ gehandeld met het doel daaraan te voldoen, in plaats van dat er werkelijk rekening wordt gehouden met de mening van bewoners.”

“Mijn ervaring is dat ondanks de meningen die worden gevraagd, de plannen toch uiteindelijk onaangepast worden uitgevoerd. Er wordt dan formeel participatief gehandeld, maar de opgehaalde meningen en input wordt niet daadwerkelijk meegenomen in de beslissingen.”

Vermaat van het Nationaal Programma Schiedam-Nieuwland Oost herkent de kritiek op de participatieaanpak in het focusgebied. “Mijn mening is niet zozeer dat de participatieaanpak die de gemeente toepast te wensen overlaat, maar dat deze niet past bij het programma, omdat de bewoners ook echt actief betrokken moeten zijn bij en deel moeten nemen aan het programma om het te laten slagen.”

“Met informatieavonden en inspraak, die vaak vooral gericht zijn op fysieke ingrepen, komen we er niet als we wat willen veranderen binnen de wijken”, zegt de programmanager.

Meer sociale gesprekken

Volgens sociaal werker Onal is er vooral behoefte aan meer ‘sociale gesprekken’ met bewoners. “Er wordt rekening gehouden met financiën en ruimtelijke realisatieplannen, maar naar de mens zelf - en hoe deze de verandering zal ervaren - wordt pas achteraf gekeken. Terwijl je veel beter af bent als je hier vanaf het begin aan denkt.”

Suzy Koot, onafhankelijke organisator van ruimtelijke participatieprojecten spreekt over participatie als een ‘gezamenlijk proces’ en bevestigt het belang van bewoners meer aan de voorkant betrekken. “Ik geloof dat je echt vanaf het begin samen moet optrekken om een plan te ontwikkelen. Een ontwikkelingsplan presenteren aan bewoners en vragen of het oké is, is geen participatie. Ik denk dat het veel sterker is om veel eerder te beginnen. Ik geloof namelijk dat een plan veel beter wordt wanneer je dat samen met de mensen die er dagelijks mee te maken hebben ontwikkelt.”

“Mensen die zelf leven of werken in een gebied en er dagelijks zijn, weten goed wat past, die weten goed wat er nodig is, en die weten ook waar het wringt. Als een ruimtelijk plan compleet niet aansluit bij wat omwonenden zelf voor ogen hebben, realiseer je een plan waar niemand echt blij mee is.”

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.