Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb
0

Je zou maar ‘PAS-melder’ zijn!

Eén van de consequenties van de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:1603) is dat activiteiten waarvoor onder vigeur van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) enkel een meldingsplicht gold, alsnog vergunningplichtig zijn geworden. In veel gevallen kan echter geen natuurvergunning voor het project worden verkregen.

23 juni 2021

Artikelen

Artikelen

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) heeft reeds in het najaar van 2019 een oplossing in het vooruitzicht gesteld voor sommige PAS-melders. Zij heeft in haar brief van 13 november 2019 (Kamerstukken II 2019/20, 35334, nr. 1.) aan de Tweede Kamer de volgende te legaliseren categorieën PAS-melders benoemd:

“(…)* Het project was volledig gerealiseerd, installaties, gebouwen en infrastructuur e.d. waren opgericht, of;

* Het project was weliswaar nog niet volledig gerealiseerd, maar de initiatiefnemer had aantoonbaar stappen gezet met het oog op volledige realisatie, of;

* Het project was weliswaar nog niet aangevangen, maar daarvoor waren wel aantoonbaar onomkeerbare, significante investeringsverplichtingen aangegaan. (…)”.

Wet stikstofreductie en natuurverbetering

Pas met de Wet Stikstofreductie en natuurverbetering is voorzien in een wettelijke basis voor legalisatie van de hiervoor omschreven categorieën PAS-melders. Deze wet is op 9 maart 2021 aangenomen door de Eerste Kamer en treedt op 1 juli 2021 in werking. Verder is het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering van belang.

De systematiek kan als volgt worden samengevat. De Minister van LNV stelt een programma vast met maatregelen om de gevolgen van de stikstofdepositie te mitigeren of compenseren. De in het programma opgenomen maatregelen worden binnen drie jaar na de vaststelling van het programma uitgevoerd. In de Nota van Toelichting bij het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering wordt onder andere het volgende gesteld:

“(…) Bij de uitvoering van het programma is het wenselijk om de activiteiten in verschillende tranches te legaliseren. Dit is het gevolg van het feit dat de effecten van de te nemen bronmaatregelen stapsgewijs in de tijd beschikbaar komen. Met het oog op de hierboven benoemde grote onzekerheid, dreigende handhavingsverzoeken en financiële consequenties voor de verschillende bedrijven, is het daarom belangrijk om ‘ruimte’ die beschikbaar komt snel – en dus waar mogelijk gefaseerd – in te zetten voor het legaliseren van de activiteiten (…)”.

Onzekerheid blijft voorlopig bestaan

Het is dus de bedoeling dat de gevallen die daarvoor in aanmerking komen in fases worden gelegaliseerd, maar over de tijdspanne is niets bekend. Evenmin is bekend wanneer de programma’s worden vastgesteld en welke maatregelen worden getroffen.

Voor de PAS-melder die in een van de hiervoor genoemde categorieën valt is er op dit moment maar één zekerheid: de onzekerheid zal nog een behoorlijke tijd voortduren. Intussen moeten de ondernemers in de eerste categorie (volledig gerealiseerd/opgericht) maar hopen dat het bevoegd gezag niet handhavend optreedt (al dan niet daartoe gedwongen door derden).

De nieuwe Minister van LNV zal dit dossier voortvarend(er) op moeten pakken. Temeer omdat over de vraag welke maatregelen moeten worden getroffen in het licht van artikel 6 van de Habitatrichtlijn een oeverloze politieke en juridische discussie gevoerd kan worden en waarschijnlijk ook zal worden.

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.