Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb

Besluit Publiekrechtelijk afdwingbare financiële bijdragen in consultatie

Van 9 juni tot 7 juli 2020 ligt het Besluit Publiekrechtelijk afdwingbare financiële bijdragen in consultatie. Dit besluit wijst de categorieën ontwikkelingen aan waarvoor dit instrument kan worden ingezet. Het besluit wijzigt het Omgevingsbesluit.

Andel, Carola van
18 juni 2020

Artikelen

Artikelen

PUBLIEKRECHTELIJK AFDWINGBARE FINANCIËLE BIJDRAGEN

Als één van de amendementen bij de Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet is aangenomen dat gemeenten de mogelijkheid krijgen om publiekrechtelijk financiële bijdragen voor bepaalde ontwikkelingen te verhalen. Dit is een nieuw instrument onder de Omgevingswet. Op vrijwillige basis contracteren over financiële bijdragen is op dit moment al wel mogelijk en geregeld in artikel 6.24 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Aanvankelijk was deze mogelijkheid niet in het wetsvoorstel Aanvullingswet grondeigendom opgenomen, maar de regering corrigeerde dit snel met de eerste nota van wijziging.

Bij amendement van Ronnes c.s. is hier derhalve nog een schep bovenop gedaan door naast een privaatrechtelijke mogelijkheid een publiekrechtelijke mogelijkheid tot verhaal van financiële bijdragen te introduceren. De artikelen 13.23 en 13.24 van de Omgevingswet vullen deze mogelijkheid dus aan met een bevoegdheid om de financiële bijdrage publiekrechtelijk af te dwingen.

De indieners van het amendement hebben beoogd dat gemeenten financiële bijdragen kunnen vragen voor ontwikkelingen als kwalitatieve verbeteringen van landschap, natuur, water of de stikstofbalans, de aanleg of aanpassingen van infrastructuur en daartoe benodigde voorzieningen, de realisatie van sociale woningbouw buiten het plangebied en het slopen van opstallen in geval van bijvoorbeeld een krimpopgave.

Deze financiële bijdrage kan worden opgelegd aan initiatiefnemers van bouwactiviteiten waarvoor kostenverhaal verplicht is, onder de voorwaarde dat het kostenverhaal daarvoor nog ruimte laat. De verwachting is dat dit instrument op winstgevende locaties leidt tot extra opbrengsten voor de gemeente en extra lasten voor de initiatiefnemer.

WELKE CATEGORIEËN?

Het voorgestelde artikel dat de categorieën aanwijst, luidt als volgt (cursieve tekst is toegevoegd – RCKA):

Artikel 8.21 (categorieën ontwikkelingen waarvoor financiële bijdragen kunnen worden verhaald)
Als categorieën ontwikkelingen ter verbetering van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving waarvoor, als wordt voldaan aan de criteria van artikel 13.23, eerste lid, onder a (functionele samenhang) en b (niet anderszins verzekerd), van de wet, in een omgevingsplan kan worden bepaald dat een financiële bijdrage wordt verhaald op degene die een activiteit als bedoeld in artikel 13.11 van de wet verricht, worden aangewezen:

  • verbetering landschappelijke waarden
    a. wijziging van de inrichting van het landelijk gebied ter verbetering van landschappelijke waarden door middel van het treffen van maatregelen in de fysieke leefomgeving, waaronder in ieder geval worden begrepen het verwijderen van vrijkomende agrarische bebouwing en het herstellen of aanvullen van landschappelijke elementen;

  • natuurbescherming
    b. aanleg of wijziging van gebieden als bedoeld in artikel 2.44 van de wet of gebieden die in het omgevingsplan ter bescherming van de natuur zijn aangewezen en herstel, op basis van een omgevingsvisie of programma, van dier- en plantensoorten die van nature in Nederland in het wild voorkomen door middel van het treffen van maatregelen in de fysieke leefomgeving, waaronder in ieder geval worden begrepen maatregelen in de fysieke leefomgeving:
    1°. ter vermindering van de stikstofdepositie; of
    2°. ter bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen;

  • infrastructuur
    c. aanleg van infrastructuur voor verkeers- en openbaar vervoersnetwerken van gemeentelijk of regionaal belang;

  • recreatie
    d. aanleg van recreatievoorzieningen die behoren tot de gemeentelijke of regionale groenstructuur, waaronder in ieder geval worden begrepen parken en recreatiegebieden;

  • realisatie sociale woningbouw buiten plangebied
    e. ontwikkelingen gericht op het bereiken van een naar prijsklasse evenwichtige samenstelling van de woningvoorraad in de gemeente of regio door middel van het realiseren van sociale huur- of koopwoningen als bedoeld in artikel 5.161c, eerste lid, onder a en b, van het Besluit kwaliteit leefomgeving buiten het gebied waar de activiteit, bedoeld in artikel 13.23 van de wet, wordt verricht, voor zover in dat gebied met het oog op die evenwichtige samenstelling onvoldoende sociale huur- of koopwoningen worden gerealiseerd en het op een andere locatie realiseren van die woningen:
    1°. in het omgevingsplan is toegelaten, met het oog daarop in het omgevingsplan regels als bedoeld in artikel 5.161c, eerste lid, onder a of b, van dat besluit zijn gesteld, of in een programma is opgenomen; en
    2°. tot gevolg heeft dat de kosten, bedoeld in artikel 13.11 van de wet, niet volledig kunnen worden verhaald of dat een tekort op de gemeentelijke exploitatie van de benodigde gronden ontstaat; en

  • slopen van opstallen in geval van bijvoorbeeld een krimpopgave
    f. stedelijke herstructurering ter verbetering van het woon- en leefklimaat in verouderde wijken of gebieden met leegstandsproblemen door middel van het treffen van maatregelen in de fysieke leefomgeving, waaronder in ieder geval worden begrepen het slopen van woningen en het aanleggen of wijzigen van wegen.

Artikel delen