Heeft de gemeente mijn aanvraag voor een omgevingsvergunning correct in behandeling genomen?

Vraag

Ik heb op 15 maart een aanvraag ingediend om voor maximaal 10 jaar af te wijken van het bestemmingsplan. Artikel 4, lid 11, Bijlage II Bor heeft betrekking op “ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in de onderdelen 1 t/m 10, voor een termijn van ten hoogste 10 jaar”. Wij hebben een kantoor aan huis. In het kantoor mag ik wel logies met ontbijt houden maar nu wil ik het graag alleen als vakantiehuisje verhuren. Er verandert totaal niks buiten of binnen aan het pand. Ik heb daarvoor een vergunningaanvraag ingediend, maar ik krijg pas na 5 weken het onderstaande bericht van de gemeente, waarin niet wordt ingegaan op artikel 4 lid 11 van Bijlage II Bor. Is de gemeente daarmee niet in gebreke?

Wij hebben van u een aanvraag voor een omgevingsvergunning met de activiteit: handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening ontvangen. De aanvraag gaat over het tijdelijk afwijkende gebruik van een berging/kantoor als recreatiewoning aan (adres).

Procedure: Wij behandelen de aanvraag conform de reguliere voorbereidingsprocedure met een standaardtermijn van 8 weken. Als dat nodig blijkt, kunnen wij de beslistermijn met 6 weken verlengen. Daarover informeren wij u tijdig. Als wij niet binnen de wettelijke termijnen een beslissing hebben genomen, dan wordt de gevraagde omgevingsvergunning van rechtswege verstrekt.

Behandeling: De aanvraag is compleet. Wij gaan deze nu inhoudelijk beoordelen. Als blijkt dat er strijdigheden zijn, dan wordt u hierover geïnformeerd en krijgt u de gelegenheid het plan aan te passen.

Antwoord

U hebt vragen over de uitleg van het bericht van de gemeente. De gemeente heeft de aanvraag tot zo ver echter correct afgehandeld. De gemeente moet u naar aanleiding van uw vergunningaanvraag 2 berichten sturen. De gemeente heeft een correct bericht gestuurd. Zij gaat de aanvraag beoordelen aan de hand van de kruimelregeling. U behoeft alleen in de gaten te houden dat de gemeente tijdig beslist, dat wil zeggen binnen 8 weken na 15 maart, of langer na een verlenging daarvan.

Toelichting

Als eerste verzendt de gemeente de 1e ontvangstbevestiging. Op grond van artikel 3.1 2e lid van de Wabo stuurt het bevoegd gezag onverwijld een ontvangstbevestiging van de aanvraag. Hierin hoeft alleen te staan dat de aanvraag is ontvangen en de datum waarop dit is gebeurd. De term "onverwijld" in dit artikellid brengt met zich mee dat de ontvangstbevestiging meteen na binnenkomst van de aanvraag zal moeten worden verstuurd. Als u de aanvraag digitaal hebt ingezonden, is dat nooit een probleem. Het Omgevingsloket online genereert deze ontvangstbevestiging automatisch, zodat u dezelfde dag een ontvangstbevestiging ontvangt. Waarschijnlijk hebt u deze 1e ontvangstbevestiging al langere tijd geleden ontvangen. Vanaf de datum van deze ontvangstbevestiging gaat de termijn van 8 weken lopen. De gemeente moet binnen die termijn van 8 weken na 15 maart (of kort daarna) beslissen.

Daarna moet de gemeente een 2e bericht sturen naar aanleiding van de aanvraag. Op grond van artikel 3.1 3e lid van de Wabo moet de gemeente daarin vermelden dat zij bevoegd gezag is, of de reguliere of de uitgebreide procedure van toepassing is, en wat de beslistermijn is. Het bericht dat u nu hebt ontvangen, is zo’n bericht. De gemeente geeft daarin aan dat de reguliere procedure van toepassing is, zodat dus binnen 8 weken besloten moet worden. Artikel 4 lid 11 bijlage II Bor wordt in de brief van de gemeente inderdaad niet genoemd, maar de gemeente spreekt wel over het tijdelijke afwijkende gebruik van een berging/kantoor. Hiermee wordt artikel 4 lid 11 bijlage II Bor ( kruimelregeling) bedoeld.

Datum: 15 May 2018