Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Tijdig beroep ingesteld? Wanneer is besluit ter inzage gelegd? + is te laat beroep wellicht verschoonbaar?

In de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland van 4 juni 2024, ECLI:NL:RBNNE:2024:2108 zijn 2 interessante rechtsvragen aan de orde. Ten eerste wanneer de beroepstermijn begint te lopen bij een met de uitgebreide procedure voorbereid besluit. Dit is namelijk de dag na terinzagelegging. In deze zaak was niet geheel duidelijk wanneer het besluit ter inzage is gelegd. Vervolgens was de vraag of het te laat ingediende beroep al dan niet verschoonbaar was.

15 juni 2024

Jurisprudentie – Samenvattingen

Hebben eiseressen tijdig beroep ingesteld?

Voordat de rechtbank toekomt aan een inhoudelijke beoordeling van het beroep, moet de rechtbank eerst de vraag beantwoorden of eiseressen het beroep tijdig hebben ingediend en kunnen worden ontvangen in hun beroep.

Voor het indienen van een beroepschrift geldt op grond van artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) een beroepstermijn van zes weken. In zaken die zijn voorbereid met toepassing van afdeling 3.4 van de Awb, zoals het bestreden besluit, geldt op grond van artikel 6:8, vierde lid, van de Awb, dat de beroepstermijn van zes weken begint te lopen met ingang van de dag na die waarop het besluit ter inzage is gelegd. Een beroepschrift is op grond van artikel 6:9 van de Awb tijdig ingediend wanneer het voor het einde van de termijn is ontvangen of voor het einde van de termijn ter post is bezorgd. Als iemand een beroepschrift te laat indient, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk tenzij redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.

Het college heeft op 29 juli 2022 kennis gegeven van het verlenen van de vergunning in het Provinciaal blad van Fryslân1. In de publicatie is opgenomen:

“Tegen deze vergunning kan een belanghebbende tot en met 9 september 2022 beroep instellen bij de Rechtbank Noord-Nederland.

De vergunning ligt ter inzage t/m 22 september 2022 in het:

- Provinsjehûs Leeuwarden, elke werkdag van 9.00 tot 16.00 uur (graag vooraf contact opnemen)”

In de publicatie ontbreekt informatie over de dag waarop het besluit ter inzage wordt gelegd. Op de zitting heeft het college toegelicht dat het bestreden besluit op dezelfde dag als de publicatie, 29 juli 2022, ter inzage is gelegd. Het college heeft toegelicht dat dat de vaste praktijk is en heeft desgevraagd bevestigd dat niet is afgeweken van de vaste praktijk. De rechtbank ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de juistheid van die toelichting.

Uitgaande van het voorgaande begon de beroepstermijn op 30 juli 2022 en eindigde zij op 9 september 2022. Dat is ook de datum die genoemd is in de publicatie van het bestreden besluit. De rechtbank heeft op 13 september 2022 het beroepschrift van eiseressen, gedateerd 12 september 2022, ontvangen. Dit betekent dat het beroepschrift te laat is ingediend.

Is de termijnoverschrijding verschoonbaar?

Eisers voeren aan dat hen niet kan worden verweten dat zij niet uiterlijk op 9 september 2022 beroep hebben ingesteld. Zij wijzen er in dit verband op dat in de publicatie staat dat de vergunning tot en met 22 september 2022 ter inzage lag. Omdat in het algemeen de laatste dag van de terinzagelegging overeenkomt met de laatste dag van de beroepstermijn, zijn zij ervan uitgegaan dat zij uiterlijk op 22 september 2022 beroep in konden stellen, zo begrijpt de rechtbank de schriftelijke toelichting van eiseressen. Mocht het beroep toch niet tijdig zijn ingediend, dan is volgens eiseressen sprake van een verschoonbare overschrijding omdat de publicatie tegenstrijdige informatie bevat en ruimte laat voor verwarring over de einddatum voor het instellen van beroep.

Het college voert aan dat het in dit geval op de weg van eiseressen had gelegen om, in het geval er twijfel zou zijn over de laatste dag van de beroepstermijn, dat te verifiëren. Het college wijst er in dit verband op dat eiseressen zich laten bijstaan door een professionele rechtshulpverlener.

De rechtbank is met het college van oordeel dat de termijnoverschrijding in dit geval niet verschoonbaar is. In de publicatie van 29 juli 2022 is de laatste dag van de beroepstermijn uitdrukkelijk genoemd. Dat er een tweede datum is genoemd in de publicatie, doet daar niet aan af. Die datum ziet niet op de aanvang van de terinzagelegging of de beroepstermijn. Het later indienen van een beroepschrift moet in dit geval voor risico van de indieners blijven. De rechtbank acht daarbij van belang dat de gemachtigde van eiseressen een professionele rechtshulpverlener is en dat ook de belangen van de vergunninghouder bij het besluit betrokken zijn. Voor het overige zijn door eiseressen geen bijzonderheden aangevoerd. De rechtbank ziet daarom geen aanleiding om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten.

Artikel delen