Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb
0

Bouwvrijstelling

De Nederlandse overheid heeft klimaatdoelen vastgesteld, en om deze te behalen bestaat de wens om co2 afkomstig uit het Rotterdamse havengebied op te slaan in lege gasvelden onder de Noordzee. Om dit project mogelijk te maken hebben de ministers een inpassingsplan vastgesteld en omgevingsvergunningen verleend. Een organisatie is het hier niet mee eens. De angst bestaat dat bij het uitvoeren van dit project stikstofdepositie plaatsvindt, waardoor natuurwaarden in Natura 2000-gebieden worden aangetast. Aangevoerd wordt dat een passende beoordeling had moeten worden gemaakt, waaruit blijkt dat Natura 2000-gebieden niet zullen worden geschaad door het project. Volgens de ministers kon dit echter achterwege blijven, op grond van de geldende partiële bouwvrijstelling (artikel 2.9a Wnb en artikel 2.5 Bnb). De organisatie stelt echter dat de bouwvrijstelling niet mocht worden toegepast, omdat deze in strijd is met de Habitatrichtlijn (artikel 6 lid 3).

14 november 2022

Op basis van de bouwvrijstelling geldt dat de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden, die wordt veroorzaakt tijdens de bouwfase van een project, niet meer afzonderlijk onderzocht en beoordeeld hoeft te worden. De Habitatrichtlijn schrijft echter voor dat “voorafgaand aan het uitvoeren van een project moet worden beoordeeld of het project significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied (voortoets). Als significante gevolgen niet kunnen worden uitgesloten, dan moet een passende beoordeling worden gemaakt”.

Daarnaast is een structureel maatregelenpakket vastgesteld om (de gevolgen van) stikstofdepositie aan te pakken, waardoor natuurwaarden in Natura 2000-gebieden verbeteren. Gezien deze maatregelen heeft de stikstofdepositie die in de bouwsector wordt veroorzaakt weinig invloed. Om gemakkelijker ontwikkelingen mogelijk te kunnen maken is dan ook de bouwvrijstelling in het leven geroepen. Bovendien gaat het in de bouwfase om kleine, tijdelijke stikstofdeposities, die slechts beperkt bijdragen aan het stikstofprobleem.

De Afdeling stelt dat inzicht moet worden verkregen in de omvang van de stikstofemissie die door alle activiteiten bij een project wordt veroorzaakt. Enkel op deze wijze kan een reële inschatting worden gemaakt van de stikstofdepositie die neerslaat op Natura 2000-gebieden.

Zonder een dergelijke schatting kunnen de eventuele gevolgen van de stikstofdepositie niet worden vastgesteld. Het enkele feit dat bouwactiviteiten tijdelijk, op verschillende locaties en in geringe mate bijdragen aan de totale landelijke stikstofdepositie doet hier niets van af. Bovendien kan het geheel van activiteiten in de bouwsector door combinatie en opeenvolging wel grote gevolgen hebben voor Natura 2000-gebieden. Tot slot verdient aandacht dat de bouwvrijstelling onbeperkt gebruikt kan worden, nu er geen maximum geldt.

Voor wat betreft de maatregelen waarop de bouwvrijstelling is gebaseerd, stelt de Afdeling dat deze ten tijde van de vaststelling van de bouwvrijstelling (nog) niet waren uitgevoerd. Ook de te verwachten voordelen waren niet concreet uitgewerkt, waardoor onzekerheid bestaat. Nu niet vaststaat dat de maatregelen resultaat hebben vóórdat negatieve gevolgen optreden door de bouwvrijstelling, is dit in strijd met rechtspraak van het Europese hof.