nieuws

Omgevingsplan: werk in uitvoering!

19-06-2019

Over anderhalf jaar zal het eindelijk zover zijn: de Omgevingswet wordt van kracht. Met die wet wordt het hele omgevingsrechtelijk stelsel op zijn kop gezet om uiteindelijk sneller, eenvoudiger en vooral pragmatischer te worden, met meer ruimte voor burgers, ondernemers en bevoegd gezag. Met zes nieuwe kerninstrumenten biedt de wet een uitdaging voor de toekomst van Nederland: hoe gaan we om met de schaarse ruimte en het kwetsbare milieu? En bovendien: welke kwaliteit wensen we van onze omgeving, die straks de fysieke leefomgeving gaat heten? Een integraal begrip dat naast de eerder genoemde aspecten ook economische en sociale aspecten omvat, inclusief onze reacties op klimaatverandering, energietransitie en gezondheid.

Een van de meest in het oog springende instrumenten is het omgevingsplan. Van alle instrumenten heeft deze verreweg de meest verstrekkende invloed. Met het omgevingsplan wordt handen en voeten gegeven aan de omgevingsvisie op gemeentelijk niveau. Dit instrument is méér dan het huidige bestemmingsplan: de toepassing ervan is veel breder dan dat van een ‘goede ruimtelijke ordening’. Het gaat hier om de kwaliteit van de leefomgeving; hoe beschermen we die en hoe kunnen we die benutten zonder de kwaliteit aan te tasten? Vraag is dan ook: welke kwaliteit vinden we in onze gemeente belangrijk?

Gemeenteraden (maar ook Rijk en Provinciale Staten) worden uitgedaagd om hun langetermijnvisie op al deze terreinen vast te leggen in een omgevingsvisie. Zij krijgen een veel ruimere bevoegdheid om op lokaal niveau regels te stellen en moeten zich afvragen: wat is op lokaal niveau, in een bepaalde wijk, of in een bepaald deel van de gemeente gewenst of ongewenst? Regels kunnen gesteld worden aan bepaalde locaties, die een bepaalde functie vervullen binnen de fysieke leefomgeving, maar ook aan bepaalde activiteiten, al of niet met een bepaalde milieubelasting. Het omgevingsplan omvat daarom veel regels die lijken op de oude “bestemming”, maar behelst ook alle regels uit verordeningen op gemeentelijk niveau en regels voor het wel of niet toestaan van bepaalde activiteiten. Het omgevingsplan wordt daarmee het afwegingskader van de omgevingsvergunning.

Ook burgers worden met de Omgevingswet uitgedaagd om mee te denken met de gemeente (en Rijk en provincie) over hun toekomstige gemeente door middel van verplichte participatie. De leefomgeving wordt daarmee veel meer de eigen leefomgeving.

Daarnaast krijgen ondernemers onder de Omgevingswet veel meer ruimte voor initiatieven. Dit dient te worden weerspiegeld in het omgevingsplan, waarin gemeenten ruimte kunnen creëren voor nieuwe initiatieven. Initiatiefnemers moeten daarbij zelf ook ontwikkelen voor hun omgeving door bewoners te betrekken bij hun plannen. Dit vergroot het draagvlak en zal wellicht het aantal bezwaarprocedures kunnen verminderen.

Gemeenteraden staan hierbij voor de opgave om hun relatie met het College van B&W opnieuw gestalte te geven. De raad gaat over het omgevingsplan, maar het college over de omgevingsvergunning. Welke vrijheid wil een gemeenteraad overlaten aan het college voor het afgeven van vergunningen, al of niet precies passend in het omgevingsplan, of zelfs afwijkend daarvan? Weer een uitdaging, maar tegelijkertijd ook een kans. De gemeenteraad of het college hoeft immers niet meer te zeggen: ‘Het mag niet van Den Haag’, maar heeft een eigen afwegingsruimte.

Al deze herzieningen, uitdagingen, kansen en de benutting daarvan moeten uiteindelijk leiden tot een betere kwaliteit van de leefomgeving. De Omgevingswet noemt dat een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’, met regels voor locaties en regels voor activiteiten. Daarmee is het opstellen van een omgevingsplan geen gemakkelijke klus. Meer dan voorheen dient de fysieke leefomgeving integraal te worden bezien, dus niet meer per compartiment zoals nu het geval is. Dit vraagt om een gedegen voorbereiding van de inhoudelijk afstemming, maar ook om een gedegen voorbereiding van het proces om te komen tot een omgevingsplan, waarin participatie van de inwoners een sleutelwoord vormt. Daar moeten we niet mee wachten, maar nu al mee beginnen om op 1 januari 2021 gereed te kunnen zijn.

Hendrik Faber is auteur van het boek Werken met het omgevingsplan. Deze uitgave vormt een praktische handleiding bij het opstellen van een omgevingsplan. Bestel het nu!

Meer van Omgevingsweb

Gerelateerd nieuws

Vaardigheden voor opstellen regels omgevingsplan

Het doel van deze 1-daagse training is om je bewust te maken van de relatie tussen de keuzes voor de soorten regels en de gewenste vaardigheden voor het opstellen en uitvoeren daarvan.
→ Lees meer

Werken met het Omgevingsplan

→ Lees meer

Integratie van regels in het Omgevingsplan

Deze 1-daagse cursus gaat over het integreren van diverse (beleids)regels, waaronder de APV. in het omgevingsplan.

→ Lees meer

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws. Word lid van onze gratis nieuwsbrief!

Schrijf je in