Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb

Infographic - Mag ik zonder omgevingsvergunning (ver)bouwen?

"Als u gaat (ver) bouwen kunnen er verschillende regels en vergunningen gelden. U krijgt in ieder geval te maken met de lokale regels uit het omgevingsplan en de technische eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Voor het (ver)bouwen kan zowel vanwege het omgevingsplan, als de technische eisen een vergunning nodig zijn. Het startpunt voor de check of u voor beide een vergunning nodig heeft is altijd het Bbl. Kleine bouwactiviteiten zijn in veel gevallen, op grond van het Bbl, overal vergunningvrij gemaakt."

19 september 2019

Download in pdf bestand

Eerder verschenen infographics:

Informatieblad Vergunningplicht bouwen
De Vergunningplicht bouwen wordt opgesplitst. Wilt u weten wat daarover in het Invoeringsbesluit (Ib) is opgenomen? Lees dan het informatieblad.
12 december 2018


PDF document | 1 pagina | 140 kB
Publicatie | 31-10-2018


Een initiatiefnemer die een vergunning wil aanvragen moet daarbij informatie aanleveren. Welke aanvraagvereisten voor zijn initiatief gelden, staat in de Omgevingsregeling van de Omgevingswet en soms ook in het omgevingsplan van de gemeente.


De Omgevingsregeling is de ministeriële regeling bij de Omgevingswet. De Omgevingsregeling bundelt de regels uit ongeveer 75 bestaande ministeriële regelingen. Het gaat om regels voor het gebruik van de wet in de praktijk.


Overheden monitoren of doelen voor de leefomgeving worden gehaald. Daarbij gelden meet- en rekenvoorschriften uit de Omgevingsregeling van de Omgevingswet. Die voorschriften maken we zo gebruiksvriendelijk mogelijk.


Het Invoeringsbesluit van de Omgevingswet regelt het overgangsrecht, zorgt voor de noodzakelijke intrekking en wijziging van bestaande besluiten en vult de basisbesluiten van de wet aan.


Op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt, komen verschillende rijksregels te vervallen. Denk bijvoorbeeld aan regels over geluid en geur voor horeca. Deze regelgeving wordt aan de decentrale overheden overgelaten. Zij kunnen hiervoor hun eigen afwegingen maken. Voor een goede overgang van de oude naar de nieuwe situatie is er de bruidsschat.


Op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt, hebben alle gemeenten automatisch een omgevingsplan.


Deze infographics tonen de voortgang van de stelselherziening van het omgevingsrecht. De eerste infographic toont het hoofd-, invoerings- en aanvullingsspoor. De tweede infographic toont in meer detail het aanvullingsspoor.



De Omgevingswet is een van de grootste wetgevingsoperaties in onze geschiedenis. Terwijl de wet en haar uitvoeringsregelgeving gemaakt worden, bereiden gemeenten, provincies, waterschappen en het Rijk zich al volop voor op haar komst. Dat gebeurt in zon 150 Chw-experimenten en ruim 200 pilots.


Het nieuwe stelsel bestaat uit de Omgevingswet, vier AMvB's en de Omgevingsregeling. Bij inwerkingtreding gaan het invoerings- en aanvullingsspoor op in het hoofdspoor.
Het invoeringsspoor regelt de overgang van de bestaande naar de nieuwe wet- en regelgeving. Bovendien vult dit spoor het hoofdspoor met enkele essentiële onderdelen aan.
De ontwikkeling van wet- en regelgeving in het aanvullingsspoor maakt deel uit van lopende beleidsontwikkelingen op het gebied van natuur, bodem, geluid en grondeigendom.


Minder en overzichtelijke regels, meer ruimte voor initiatieven en lokaal maatwerk en vertrouwen als uitgangspunt. Dat is waar de Omgevingswet voor staat. Het doel van een initiatief in de fysieke leefomgeving moet centraal staan in plaats van de vraag: 'mag het wel?'.


Nederland kent talloze wetten en regels op het gebied van de leefomgeving. Een ingewikkeld geheel waarin bijna niemand meer de weg kan vinden. Daarom komt de Omgevingswet: één wet die alle wetten op het gebied van de leefomgeving vereenvoudigt en bundelt.


In een omgevingsvisie staan de ontwikkelingen en ambities voor een grondgebied.


Het gemeentelijk omgevingsplan geldt integraal en is gebiedsdekkend. Het geeft alle regels voor de fysieke leefomgeving.


De digitale ondersteuning van de Omgevingswet zorgt ervoor dat alle informatie over de fysieke leefomgeving met één klik op de kaart van Nederland te vinden is.


De Omgevingswet bestaat uit een vernieuwend stelsel van instrumenten die allemaal met elkaar samenhangen. Het omgevingsrecht moet inzichtelijk, voorspelbaar en makkelijk in het gebruik zijn. In beleid, besluitvorming en regelgeving moet er samenhang zijn. De overheid moet zich actief en flexibel opstellen en de besluitvorming moet sneller en beter.


Meer ruimte voor gemeenten en provincies.


Met de Omgevingswet hebben decentrale overheden meer afwegingsruimte voor het stellen van kwaliteitsnormen voor het milieu. Het Rijk stelt hiervoor inhoudelijke kaders in de vorm van instructieregels. Die kunnen een standaardnorm en een bandbreedte meegeven. Voor sommige aspecten, zoals licht, zijn er geen instructieregels en hebben gemeenten vrije regelruimte.


Afhankelijk van wat een gebied nodig heeft, kan de gemeente kiezen uit verschillende instrumenten om met de gebruiksruimte om te gaan.

Consultatieversie Invoeringsbesluit Omgevingswet

Dit is de consultatieversie van het Invoeringsbesluit Omgevingswet. De totale consultatieversie bestaat uit zes onderdelen:

  1. Dit onderdeel van het Invoeringsbesluit Omgevingswet bevat de geconsolideerde versie van het Bal plus artikelsgewijze toelichting (deel 1). De consultatie wordt gevraagd over de aanvullingen en wijzigingen van het Bal en niet over de reeds gepubliceerde delen.

  2. Dit onderdeel van het Invoeringsbesluit Omgevingswet bevat de geconsolideerde versie van het Bbl plus artikelsgewijze toelichting (deel 2). De consultatie wordt gevraagd over de aanvullingen en wijzigingen van het Bbl en niet over de reeds gepubliceerde delen.

  3. Dit onderdeel van het Invoeringsbesluit Omgevingswet bevat de geconsolideerde versie van het Bkl plus artikelsgewijze toelichting (deel 3). De consultatie wordt gevraagd over de aanvullingen en wijzigingen van het Bkl en niet over de reeds gepubliceerde delen.

  4. Dit onderdeel van het Invoeringsbesluit Omgevingswet bevat de geconsolideerde versie van het Omgevingsbesluit (Ob) plus artikelsgewijze toelichting (deel 4). De consultatie wordt gevraagd over de aanvullingen en wijzigingen van het Ob en niet over de reeds gepubliceerde ongewijzigde delen.

  5. Dit onderdeel van het Invoeringsbesluit Omgevingswet bevat de wijziging van 40 besluiten, de intrekking van 35 besluiten, voormalige rijksregels (de bruidsschat) en regelt overgangsrecht voor de invoering van de Omgevingswet en de vier AMvBs (deel 5). De bruidsschat die wordt toegevoegd aan het tijdelijk deel van het omgevingsplan bevindt zich op de bladzijden 45 tot en met 127 van dit besluit en is - voor de herkenbaarheid - groen gearceerd. De bruidsschat die wordt toegevoegd aan het nieuwe deel van de waterschapsverordening bevindt zich op de bladzijden 127 tot en met 169 van dit besluit en is blauw gearceerd.

  6. Dit onderdeel van het Invoeringsbesluit Omgevingswet bevat het algemeen deel van de nota van toelichting. Een aantal inhoudelijke onderwerpen bevindt zich nog in afstemming. Dit wordt ook zichtbaar gemaakt door voetnoten.


PDF document | 661 pagina's | 4,1 MB
Publicatie | 29-10-2018


PDF document | 162 pagina's | 1,3 MB
Publicatie | 29-10-2018


PDF document | 334 pagina's | 3,7 MB
Publicatie | 29-10-2018


PDF document | 221 pagina's | 1,3 MB
Publicatie | 29-10-2018


PDF document | 536 pagina's | 3,5 MB
Publicatie | 29-10-2018


PDF document | 172 pagina's | 1,8 MB
Publicatie | 29-10-2018

Artikel delen