Menu

Zoek op
rubriek

De toepassing van de kruimelregeling. Deel 8: niet-ingrijpende herinrichting van een openbaar gebied

Stel dat u bij uw bedrijf een aantal parkeerplaatsen wilt realiseren, maar dat dit niet in het bestemmingsplan past. Het wijzigen van een bestemmingsplan is een erg kostbare en tijdrovende procedure. In sommige gevallen biedt de kruimelregeling een uitkomst. Het gebruik van deze regeling kan u veel tijd en geld besparen, maar wanneer is hij toepasbaar? We hebben besloten een reeks blogs te schrijven om de mogelijkheden te verduidelijken. In deze blog wordt de niet-ingrijpende herinrichting van een openbaar gebied behandeld.

8 februari 2018

Wat is de kruimelregeling?

Iedere gemeente legt in een bestemmingsplan vast waar gebouwen en gronden voor dienen te worden gebruikt. Bouwplannen moeten in dit bestemmingsplan passen. Toch komt het vaak voor dat een bouwplan niet binnen het bestemmingsplan past. In dat geval moet het bestemmingsplan worden gewijzigd, maar een bestemmingswijziging is een langdurig en kostbaar traject. Om die reden heeft onze wetgever de kruimelregeling in het leven geroepen.

Met behulp van de kruimelregeling kan de gemeente u in een verkorte procedure van slechts acht weken, toestemming verlenen om in afwijking van het bestemmingsplan te bouwen of gronden te gebruiken. De afwijking wordt vastgelegd in een vergunning om af te wijken van het bestemmingsplan. Verder kent de kruimelregeling 11 mogelijke toepassingen, welke staan opgesomd in artikel 4 bijlage II Besluit omgevingsrecht. De naam kruimelregeling doet misschien vermoeden dat deze regeling op maar een klein aantal gevallen van toepassing is, maar dat is zeker niet het geval. De kruimelregeling is door de jaren heen erg uitgebreid en tegenwoordig op veel gevallen toepasbaar. Het is dus handig om te controleren of uw bouwplan onder de kruimelregeling valt, omdat u hiermee veel tijd en geld kan besparen.

Gebruik van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied

Via de kruimelregeling mag een grond in een openbaar gebied gebruikt worden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied. In de toelichting van het Besluit omgevingsrecht wordt over dit lid aangegeven dat het bijvoorbeeld kan worden gebruikt om het trottoir te verleggen, een aantal parkeerplaatsen te maken of een groenstrook aan te leggen. Het aanleggen van een weg klinkt niet als een niet-ingrijpende herinrichting. Toch is er in de rechtspraak al twee keer gebleken dat dit wel zo is! Er moet alleen goed gekeken worden naar de feitelijke omstandigheden per geval.

Openbaar gebied

De toepassing van dit onderdeel kan enkel in een openbaar gebied. Dit is belangrijk om te weten, omdat het dus niet in bijvoorbeeld een weiland aangelegd kan worden. Bij openbare gebieden zal onder andere aan stukken bos of andere gronden die doorgaans van de gemeente zijn, gedacht moeten worden.

Niet-ingrijpende herinrichting

Maar wat is dan een niet-ingrijpende herinrichting? Het is een vrij abstract begrip waar de rechtspraak een aantal handvatten aan heeft gegeven. Met deze handvatten kan een redelijk beeld worden gevormd of uw plan ingrijpend is of niet.

Welke mogelijkheden biedt het bestemmingsplan?

In de betreffende uitspraak werd overwogen dat bij het aanleggen van de weg de mogelijkheid al bestond om een parkeerplaats te realiseren in het betreffende gebied. Daarnaast mocht er ook een fiets- of voetgangerspad worden aangelegd. Het aanleggen van een weg kon in dit geval hiermee vergelijkbaar worden geacht. Hoewel er geen weg voor autoverkeer kon worden gerealiseerd via het bestemmingsplan, waren er wel vergelijkbare mogelijkheden in het bestemmingsplan opgenomen.

Hoe wordt de openbare ruimte nu gebruikt?

In een andere situatie lag er al een weg. Deze weg was onverhard en de aanvragers van de vergunning wilde hiervan een verharde weg maken. Omdat er voorheen al een weg lag, was het oordeel van de Raad van State dat dit geen ingrijpende verandering was ten opzichte van de voorgaande situatie. Het enige verschil zou zijn dat de weg in de toekomst verhard zou zijn. Ook was de verwachting dat door het verharden van de weg, er niet aanzienlijk meer verkeer over de weg zou rijden.

Wat zijn de gevolgen voor de omgeving?

Er zal rekening gehouden moeten worden met eventueel overlast dat kan worden veroorzaakt bij omwonenden. In de bovenstaande voorbeelden werd een vergunning verleend om wegen aan te leggen. In eerste instantie lijkt een dergelijke vergunning voor veel overlast te zorgen. De reden dat deze vergunningen toch verleend zijn, is omdat de wegen niet zouden zorgen voor aanzienlijk meer verkeer. De eerste weg werd bijvoorbeeld aangelegd als bevoorradingsroute. Deze zou slechts een aantal keer per week worden gebruikt, waardoor dit niet als een aanmerkelijke verandering voor de omgeving kon worden aangemerkt.

Het resultaat telt

Bij het verlenen van de vergunning is niet van belang welke werkzaamheden nodig zijn om het eindproduct te realiseren. Hoewel de werkzaamheden misschien heel ingrijpend zijn, hoeft dit geen invloed te hebben op het al dan niet verlenen van de vergunning. Wat van belang is, is hoe ingrijpend het eindresultaat is van de werkzaamheden. Als het eindresultaat, in bovenstaande gevallen dus de wegen, als niet-ingrijpend kan worden aangemerkt, kan de vergunning verleend worden.

U zou zich af kunnen vragen, gezien het feit dat deze opvatting vrij veelomvattend, waar de grens getrokken wordt. Recent heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State geoordeeld dat een aanlegplaats voor 10 vaartuigen bedoeld voor commercieel verhuur, wel als ingrijpend was aan te merken. Ze oordeelde dat een tiental boten voor commercieel verhuur een heel ander uitzicht is voor omwonenden, dan een aantal particuliere vaartuigen. Daarnaast zou er geen ruimte meer zijn voor andere particulieren om aan te meren met hun boot, wat tevens als ingrijpende overlast kon worden aangemerkt.

Artikel delen