Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

“Betrek onze expertise bij invoering Omgevingswet!”

Hoe houden we als omgevingsdiensten overzicht op alle initiatieven die loskomen rond de Omgevingswet? Hoe informeren we elkaar en op welke wijze stemmen we af? Deze vragen en meer kwamen aan bod tijdens de eerste bijeenkomst met contactpersonen omgevingsdiensten op 17 mei over de omgevingswet.

Rijksoverheid 26 May 2016

De organisatie van deze bijeenkomst was in handen van Koen Delen en Bas van Tijn van Omgevingsdienst NL. In de vergaderzaal bij Bar Beton op Utrecht CS waren 17 vertegenwoordigers aanwezig van de verschillende omgevingsdiensten. En hoewel niet alle 29 ODs vertegenwoordigd konden zijn, was het een mooie landelijke spreiding.

De bijeenkomst is vooral bedoeld om te kijken hoe we als ODs moeten omgaan met de omgevingswet, maar ook om te kijken hoe en of we gezamenlijk zaken aan kunnen vliegen, aldus dagvoorzitter Ton van Bergen (FUMO). Tevens is het een mooie gelegenheid elkaar wat beter te leren kennen.

Veranderopgaven

Na het welkomstwoord van de dagvoorzitter presenteert Annemieke van Brunschot van VNG de Invoeringsstrategieën inzake de Omgevingswet.

Van Brunschot schetst nog even kort de verbeterdoelen van de wet. De wet beoogt meer samenhang (integrale benadering) in beleid en regelgeving, meer inzichtelijkheid en gebruiksgemak. Ook zal de Omgevingswet ertoe bijdragen dat besluitvorming sneller en beter gaat en dat de bestuurlijke afwegingsruimte groter wordt.

In samenwerking met VNG, verschillende gemeenten en ODs zijn de verbeterdoelen vertaald naar veranderopgaven voor de overheden: meer integraal werken, meer (dan wel anders) gebiedsgericht werken, meer in ketensamenwerking aan de slag en meer samenwerken met de samenleving (variërend van MKB en grote bedrijven, tot maatschappelijke organisaties en initiatiefnemers). Uit de zaal wordt opgemerkt dat vooral meer oplossingsgericht gewerkt zou moeten worden naast gebiedsgericht.

Ruimte in beweging

De wet moet meer ruimte bieden, maar in welke mate krijgen de ODs van hun participanten de ruimte om hiervan gebruik te maken? Wil je aanpassen of vernieuwen? Ligt je focus op de interne of meer op de externe organisatie?, vraagt Van Brunschot. Zij illustreert dit aan een model waarin vier archetypen zijn opgenomen: het consoliderende, het vernieuwende, het calculerende en de het onderscheidende type. De aanwezigen wordt verzocht als persoon positie te kiezen. Het merendeel kiest direct voor het vernieuwende type met de focus op de externe organisatie, iets minder dan de helft wil onderscheidend zijn. Wanneer Van Brunschot vraagt vanuit de organisatie positie in te nemen, vindt een opvallende verschuiving plaats; de meesten kiezen voor consolideren

Maar wat betekent dit nu eigenlijk? Eén iemand uit de zaal laat weten dat de OD nog enigszins afwachtend is vanwege hun korte bestaan. Een andere contactpersoon is van mening dat vooral de opdrachtgevers leading zijn; zij zijn bepalend voor de positie die ingenomen wordt. Onze primaire werkproces leent zich nu eenmaal niet om vernieuwend te zijn. En als de opdrachtgever je weinig ruimte biedt om te bewegen, ben je toch geneigd te consolideren. De meeste aanwezigen zijn het er echter over eens dat opdrachtgevers wat minder behoudend mogen zijn, juist vanwege de uitvoeringsexpertise van de ODs. Wanneer de opdrachtgever de OD vroeg in het proces betrekt, kan het gesprek eerder op gang gebracht worden en wordt de consoliderende rol wellicht doorbroken.

Regionale samenwerking

Over één ding is iedereen het over eens: de wet komt er nu eenmaal, maar niemand weet nog precies wat die wet gaat betekenen. De positie van ODs is lastig; zij zitten in een complex systeem waarin ze moeten opereren. Het moet het praktisch uitvoerbaar zijn en ook zal regionaal samengewerkt moeten worden. In enkele regios gebeurt dit al. Zo hebben de drie ODs in Noord Brabant maandelijks overleg over de Omgevingswet (Regionaal Netwerk Omgevingswet). In dit multidisciplinaire platform komen alle projectleiders Omgevingswet van Brabant Noord samen om informatie en kennis te delen en zaken af te stemmen.

De ODs vragen zich af welke opgave op hen afkomt en wat zij daarvoor nodig hebben. De samenleving is veranderd, aldus Gaston Gelissen, manager invoeringsondersteuning bij programma Aan de slag met Omgevingswet. Waar voorheen met de projectontwikkelaar overlegd werd op het stadhuis en inspraak van bewoners en bedrijven pas in een later stadium volgde, willen we de samenleving nu al vroeg bij het proces betrekken. Wil je zaken op lokaal niveau regelen, dan moet je ruimte bieden en initiatieven inzichtelijk maken.

Informatiehuizen

De vraag is welke gegevens straks precies openbaar worden en wat dat betekent voor de dossierkasten van de ODs. Volgens Gelissen moet dat nog nader worden uitgewerkt en is de inbreng van de ODs volgens hem zeker gewenst. Binnen de ODs zit enorm veel kennis en ervaring. Zij hebben een belangrijke rol in het succesvol uitvoeren van de Omgevingswet. De ODs geven aan meer betrokken te willen worden bij provincies en gemeenten en via hen ook bij de landelijke trajecten, zoals de regelgeving, implementatie en digitalisering.

Afsluitend laat Gelissen weten dat de ODs door het programma ondersteund worden door::

  • Informatie. In oktober 2016 wordt een informatiepunt ingericht, waarin Infomil, Water helpdesk, Bodem+, Bouwregelgeving BZK worden geïntegreerd. Ook vindt samenwerking plaats met 10 specialistische helpdesks en 2 publieksloketten zodat je voor alle vragen over de Omgevingswet hier terecht kunt.

  • Stimuleren van ondersteunen van regionale samenwerking.

  • Ondersteuning pilots en experimenten, bijvoorbeeld voor het nu al aan de slag gaan met Omgevingsvisies en -plannen, het hanteren van afwegingsruimte, versnellen besluitvorming en verbeteren omgevingsinformatie.

  • Hulpmiddelen, zoals een routeplanner, factsheets en goede voorbeelden.

  • Bijeenkomsten en kennisnetwerken, zoals de schakeldag en de roadshows.

Hoe nu verder?

Het was een boeiende dag waar de ODs voor het eerst met elkaar van gedachten konden wisselen inzake de Omgevingswet. Wellicht zijn niet álle vragen uit de intro hierboven beantwoord en ook zijn er tijdens de bijeenkomst nieuwe vragen opgeworpen, wel kan geconcludeerd worden dat er behoefte is aan landelijke samenwerking. Maar hoe kan dat georganiseerd worden? ODs zouden kunnen samenwerken als het gaat om de reactie op de AmvBs. Ook informatie uitwisselen over de voorbereiding op de Omgevingswet behoort tot de mogelijkheden, mits daar toestemming voor is vanuit de opdrachtgevers van de individuele ODs. Er zou bijvoorbeeld vanuit Omgevingsdienst NL een centraal punt kunnen komen, maar daar moet ook budget voor zijn. Dit gaat overigens verder dan de Omgevingswet alleen en Koen Delen stelt voor dit in de komende ledenvergadering te bespreken. Na de zomer wordt naar verwachting de volgende bijeenkomst georganiseerd.

Artikel delen