Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb
0

Het onteigeningsrecht zal na het in werking treden van de Omgevingswet ingrijpend worden gewijzigd. De administratieve onteigeningsprocedure vervalt, en in plaats van een Koninklijk Besluit tot onteigening wordt straks het besluit tot onteigening genomen door het bestuursorgaan zelf (de gemeente, de provincie, de staat, waterschap etc.).

In de huidige situatie besluit de Kroon tot onteigening op basis van een verzoek van het bestuursorgaan. De burgerlijke rechter besluit over de eigendomsontneming en stelt de hoogte van de schadeloosstelling vast. In het nieuwe, voorgestelde stelsel, is er sprake van een procedurele scheiding tussen onteigening en schadeloosstelling. Het besluit tot onteigening (de onteigeningsbeschikking) wordt dan genomen door het bestuursorgaan zelf. De gemeenteraad, het dagelijks bestuur van het waterschap, Provinciale Staten en de ministers krijgen de bevoegdheid om zelf tot onteigening te besluiten. Alleen de hoogte van de schadeloosstelling wordt straks nog bepaald door de (civiele) rechter.

Dit boek gaat alleen in op de veranderingen die de Omgevingswet tot gevolg zal hebben voor onteigening. De Aanvullingswet Grondeigendom gaat ook in op voorkeursrecht, kostenverhaal en grondexploitatie, maar daaraan zal hier geen aandacht worden besteed.

Voor menigeen zal het verdwijnen van de oude vertrouwde Onteigeningswet, die al dateert van 1851 (“Wet van 28 augustus 1851, regelende de onteigening ten algemeenen nutte”) gepaard gaan met enige weemoed. Een belangrijke pijler voor het eigendomsrecht die daarin was opgenomen, zal worden verlaten: onteigening zal worden uitgesproken door de onteigenende overheid zelf, en niet meer door de onafhankelijke rechter. In de nieuwe procedures zijn naderhand (na de consultatiefase) enige waarborgen ingebouwd om te ervoor te zorgen dat onteigening in alle gevallen zorgvuldig zal gebeuren. Zo is hiervoor een aparte bekrachtigingsprocedure toegevoegd, een unicum in ons rechtssysteem.

Het is te hopen dat onteigening ook in het nieuwe systeem niet te lichtvaardig zal plaatsvinden en dat de juridische procedures over onteigening ons ook na het in werking treden van de Omgevingswet een schat aan jurisprudentie zullen opleveren.

Marleen Schulte

Amsterdam, 1 november 2021