Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb

Tekst&Toelichting Aanvullingswetten Omgevingswet bevat een toelichting op de Aanvullingswet bodem Omgevingswet (AwbOw),

Wijziging van de Omgevingswet en enkele andere wetten met het oog op het beschermen van de bodem, met inbegrip van het grondwater, en het duurzaam en doelmatig gebruik van de bodem (Aanvullingswet bodem Omgevingswet), versie internetconsultatie 22 maart 2016.

de Aanvulllingswet geluid Omgevingswet (AwgOw),

Wijziging van de Omgevingswet en enkele andere wetten met het oog op de beheersing van geluidbelasting afkomstig van infrastructuur en industrieterreinen (Aanvullingswet geluid Omgevingswet), versie internetconsultatie 22 maart 2016.

de Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet (AwgrOw)

Wijziging van de Omgevingswet en enkele andere wetten vanwege opname van het voorkeursrecht, regels over onteigening en bijzondere regels voor de inrichting van de fysieke leefomgeving (Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet), versie internetconsultatie 1 juli 2016.

en de Aanvullingswet natuur Omgevingswet (AwnOw),

Wijziging van de Omgevingswet en enkele andere wetten in verband met de overgang van de Wet natuurbescherming naar de Omgevingswet (Aanvullingswet natuur Omgevingswet), versie internetconsultatie 21 november 2016.

die in 2016 op verschillende momenten in internetconsultatie zijn gegaan.

Op 22 maart 2016 is de Omgevingswet aangenomen door de Eerste Kamer (Stb. 2016, 156). Deze wet moet in 2019 in werking treden. De Omgevingswet biedt een fundament voor bundeling van het omgevingsrecht in één wet en vier AMvB’s. De wet integreert met name de ‘gebiedsgerichte’ onderdelen van het omgevingsrecht in één samenhangend stelsel van planning, besluitvorming en uitvoering. De stelselherziening moet daarmee leiden tot betere mogelijkheden voor integraal beleid, tot een betere bruikbaarheid en een substantiële vereenvoudiging van het omgevingsrecht. Plannen en vergunningen worden zo veel mogelijk gebundeld, procedures worden korter. Deze bundeling biedt mogelijkheden tot slimme (win-win) combinaties, kostenbesparing, beperking van onderzoekslasten en betere mogelijkheden voor digitale beschikbaarheid van plannen, besluiten en onderzoeken.

Het betreft de Belemmeringenwet Privaatrecht, de Crisis- en herstelwet, de Interimwet stad-en-milieubenadering, de Onteigeningswet, de Ontgrondingenwet, de Planwet verkeer en vervoer, de Spoedwet wegverbreding, de Tracéwet, de Waterstaatswet 1900, de Waterwet, de Wegenwet, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Wet ammoniak en veehouderij, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de Wet bodembescherming, de Wet geluidhinder, de Wet geurhinder en veehouderij, de Wet herverdeling wegenbeheer, de Wet hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden, de Wet inrichting landelijk gebied, de Wet inzake de luchtverontreiniging, de Wet natuurbescherming, de Wet milieubeheer, de Wet ruimtelijke ordening, de Wet voorkeursrecht gemeenten en de Wrakkenwet, delen van de Monumentenwet 1988 en de Woningwet, en bepalingen uit wetgeving voor energie, mijnbouw, luchtvaart en spoorwegen die een rol spelen bij besluiten over ontwikkeling van de fysieke leefomgeving.

Op 5 januari 2017 is het concept voor de Invoeringswet Omgevingswet (IwOw) in internetconsultatie is gegaan.

Wet van ... tot aanvulling en wijziging van de Omgevingswet, intrekking van enkele wetten over de fysieke leefomgeving, wijziging van andere wetten en regeling van overgangsrecht voor de invoering van de Omgevingswet (Invoeringswet Omgevingswet).

Deze wet is nodig voor de invoering van de Omgevingswet. Dit wetsvoorstel wordt toegelicht in Tekst&Toelichting Invoeringswet Omgevingswet.

De regering heeft ervoor gekozen om de Omgevingswet niet te vertragen door daarin tegelijk een aantal lopende wetgevingstrajecten mee te nemen of beleidstrajecten die in 2013 nog niet ver genoeg waren om de resultaten mee te nemen in het wetsvoorstel voor de Omgevingswet. Als gevolg daarvan zijn regels over bodem, geluid, grondeigendom en natuur niet direct opgenomen in de Omgevingswet, maar worden die ingebouwd door middel van de hiervoor genoemde aanvullingswetten.

Op 1 juli 2016 zijn de vier ontwerp-AMvB’s onder de Omgevingswet gepubliceerd in de internetconsultatie:

  • Het Omgevingsbesluit (Ob). Dit besluit bevat de algemene en procedurele bepalingen voor de uitwerking van de instrumenten van de wet die voor een ieder van belang zijn, zowel voor overheden als voor bedrijven en burgers.

  • Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Dit besluit richt zich tot bestuursorganen en bevat de inhoudelijke normen voor de bestuurlijke taakuitoefening en besluitvorming.

  • Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Dit besluit stelt rechtstreeks werkende rijksregels over activiteiten in de fysieke leefomgeving aan burgers, bedrijven en overheden in de rol van initiatiefnemer. Het gaat daarbij vooral om milieubelastende activiteiten en wateractiviteiten.

  • Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Dit besluit stelt algemene, rechtstreeks werkende regels aan activiteiten met betrekking tot bouwwerken, zoals bouwen en slopen. Dit besluit is gericht op een ieder die deze activiteiten uitvoert, in de praktijk vooral burgers en bedrijven.

Elk van deze ontwerp-AMvB’s is artikelsgewijs toegelicht in respectievelijk Tekst&Toelichting Omgevingsbesluit, Tekst&Toelichting Besluit kwaliteit leefomgeving, Tekst&Toelichting Besluit activiteiten leefomgeving en Tekst&Toelichting Besluit bouwwerken leefomgeving.

Deze uitgave over de vier aanvullingswetten bestaat uit een Management Samenvatting en drie Romeins genummerde delen. De Management Samenvatting is ontleend aan de Memories van Toelichting.

Deel I ‘Inleiding’ behandelt een aantal algemene onderwerpen inzake de aanvulllingswetten Omgevingswet. Daarbij is waar mogelijk aangesloten bij de algemene toelichting in de Memories van Toelichting.

Deel II ‘Invoeringswet’ bevat een toelichting op de artikelen van de vier aanvullingswetten. Per artikel is de artikelsgewijze toelichting uit de Memorie van Toelichting opgenomen. Op die wijze kan de gebruiker meteen de relevante toelichting bij de betreffende artikelen lezen.

Deel III ‘Bijlagen’ bevat de volgende Arabisch genummerde bijlagen.

  • Bijlage 1: begrippen in de Omgevingswet (met toelichting), die ook voor de AMvB’s en de IwOw relevant zijn (Bijlage A Ow).

  • Bijlage 2: begrippen in de Memorie van Toelichting Omgevingswet.

  • Bijlage 3: begrippen in de Memorie van Toelichting Aanvullingswet bodem Omgevingswet.

  • Bijlage 4: lijst van Europese richtlijnen, verordeningen en besluiten, en internationale verdragen en protocollen, inclusief de begrippen die worden voorgesteld in de consultatieversies van de Invoeringswet Omgevingswet, de Aanvullingswet bodem, de Aanvullingswet geluid, de Aanvullingswet grondeigendom en de Aanvullingswet natuurbescherming. Gewoonlijk wordt de in deze lijst opgenomen verkorte naam in deze uitgave gebruikt.

  • Bijlage 5: transponeringstabel natuur. Daarin wordt aangegeven hoe internationale natuurregels zijn geïmplementeerd in de Omgevingswet.

Aangezien waar mogelijk de letterlijke tekst van de wet of de toelichting daarop is gebruikt, is slechts spaarzaam de exacte vindplaats aangegeven. Die laat zich met de moderne tekstverwerkers en zoekmachines eenvoudig vinden.

De tekst van de Omgevingswet, de Invoeringswet Omgevingswet en de AMvB’s zijn met artikelsgewijze toelichting elk uitgegeven in een afzonderlijke uitgave, die waar mogelijk dezelfde indeling volgen als deze uitgave. Zodra de wetten en de AMvB’s in het Staatsblad staan, volgt een actualisatie met track records. Op deze wijze kan de gebruiker die nu kennis neemt van de Omgevingswet en consultatieversies straks in korte tijd bekend raken met de definitieve versies. Naar verwachting zullen die niet substantieel worden gewijzigd.

De volledige tekst van de Omgevingswet (Stb. 2016, 156), inclusief de consultatieversies van de invoeringswet en de vier aanvullingswetten, is uitgegeven in een afzonderlijke uitgave van Berghauser Pont Publishing: Tekstuitgave Omgevingswet (volledig geconsolideerde wettekst). Met behulp van kleuren is daarin zichtbaar gemaakt welke wijzigingen in de Staatsbladversie (Stb. 2016, 156) het gevolg zijn van de IwOw en welke van elke van de vier aanvullingswetten. Deze tekstuitgave geeft aan hoe de Omgevingswet eruit zou zien als de consultatieversies door het parlement worden aangenomen. Dat betekent veel gebruiksgemak voor wie zich wil of moet voorbereiden op de Omgevingswet. Daarbij moet de gebruiken nog enige onzekerheid voor lief nemen totdat de parlementaire behandeling is afgerond.

De auteur houdt zich aanbevolen voor opmerkingen.

‘s-Hertogenbosch, 2017

Jan van den Broek