Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb

Welke regel is leidend is als het gaat om bouwhoogte van uit- en aanbouwen?

Egmond, Hajé van
7 januari 2020

Vraag & Antwoord

ANTWOORD

Veel bestemmingsplannen schrijven maximaal 0,25 meter boven de verdiepingsvloer voor, maar het BOR zegt 0,30 meter. Gaat het BOR dan boven het bestemmingsplan? Of geeft het BOR alleen antwoord op de vraag OF ergens een bouwvergunning voor nodig is.  Dat zou betekenen dat een bestemmingsplan de maximale bouwhoogte van aanbouwen beperkt tot 0,25 meter. Is dat juist?Of geldt die grens dan alleen voor aanbouwen waarvoor wel een vergunning vereist is?  Dan zou er in geen enkel bestemmingsplan een geldige beperking kunnen staan voor de hoogte van aanbouwen in de achtertuin en waarom staat die beperking dan in ieder bestemmingsplan?Antwoord: De maximale hoogte boven de verdiepingsvloer bij vergunningvrije bijbehorende bouwwerken is geregeld in artikel 2, onderdeel 3 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. In de aanhef van artikel 2 is aangeven dat: "Een omgevingsvergunning voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a of c, van de wet is niet vereist, indien deze activiteiten betrekking hebben op: …” De omgevingsvergunning als bedoeld onder artikel 2.1, eerste lid, onder a is de omgevingsvergunning voor het bouwen, die genoemd artikel 2.1, eerste lid, onder c de vergunning strijdig gebruik. Dit wil dus zeggen dat indien voldaan wordt aan de eisen genoemd in artikel 2, geen vergunning nodig is voor bouw en strijdig gebruik. Omdat een dergelijke vergunning niet aan de orde is zal dus ook een eventuele eis in het bestemmingsplan inzake de hoogte boven de verdiepingsvloer niet aan de orde zijn. De landelijke regels gaan daarmee dus voor op de regels van het bestemmingsplan. Aanvullend wordt wel nog opgemerkt dat bij het beoordelen of wordt voldaan aan artikel 2 het bestemmingsplan wel van belang is. Zo bepaalt het bestemmingsplan wat de voorzijde van een gebouw is, of een gebouw een hoofdgebouw is en of er sprake is van ‘erf’.