Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb

Zoek in dossier

Bij geothermie wordt water omhoog gepompt uit diepe ondergrond en bij bodemenergie uit ondiepe ondergrond, beide met als doel om de gebouwde omgeving te verwarmen met van nature aanwezige warmte. De risico’s en de wet- en regelgeving verschillen tussen de soorten energiewinning.

Geothermie is een vorm van duurzame energie. Door water omhoog te pompen uit de diepe ondergrond, kan de van nature aanwezige warmte worden gebruikt om de gebouwde omgeving te verwarmen. Het weer afgekoelde water stroomt terug in de aardlaag, waar het vervolgens weer opwarmt. Het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM), houdt toezicht op een veilige manier van boren naar aardwarmte, in overeenstemming met wet- en regelgeving. De diepte van de putten varieert tussen de 500 – 4.000 meter, waardoor er meer risico’s bestaan dan bij bodemenergie.

Bij bodemenergie gaat het warmtewinning uit de ondiepe ondergrond (tot 500 meter). Er zijn verschillende uitvoeringsvormen van ondiepe bodemenergie, de belangrijkste hoofdverdeling zijn ‘open’ en ‘gesloten’ systemen. De wet- en regelgeving verschilt tussen soorten systemen.