← Terug naar vorige pagina

Gelijkheidsbeginsel en rechtszekerheid


Het gebeurt niet vaak dat een beroep op het gelijkheidsbeginsel, al is het maar impliciet, succes heeft. Alleen al daarom is de uitspraak van de Raad van State van 4 september 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:3042) over het bestemmingsplan ‘Woongebieden 2018’ van de gemeente Veenendaal het signaleren waard. De appellant in kwestie wilde een tweede woning op zijn perceel bouwen, maar de gemeenteraad oordeelde dat dit in strijd zou zijn met de opzet van de wijk Veenendaal-West en met het gemeentelijk beleid om in deze wijk het aantal woningen niet te laten toenemen. Toch kon de raad niet inzichtelijk maken waarom in een aantal andere gevallen wel medewerking was verleend aan het mogelijk maken van extra woningen. De Afdeling laat het bij het oordeel dat de besluitvorming niet is gebaseerd op een zorgvuldige belangenafweging, maar feitelijk is de besluitvorming in strijd met het gelijkheidsbeginsel.

Naar aanleiding van een beroep tegen dit plan van een andere appellant sneuvelt ook een gebruiksverbod. Daarin was opgenomen dat een beroep of bedrijf aan huis onder andere strijdig was met de bestemming ‘Wonen’, als hierdoor afbreuk zou worden gedaan aan het woonkarakter of de woonkwaliteit van de directe omgeving of als hierdoor sprake zou zijn van verkeersoverlast of van een noodzaak om verkeersmaatregelen te treffen. Dergelijke vage criteria vergen een nadere afweging en dat is in strijd met de rechtszekerheid die een plan moet bieden.

Geen samenvattingen beschikbaar.

Geen regelgeving beschikbaar.

Geen naslag beschikbaar.

ECLI ECLI:NL:RVS:2019:3042
Datum publicatie 06-09-2019