← Terug naar vorige pagina

De omschrijving van het begrip ‘bijbehorend bouwwerk’


Het begrip ‘bijbehorend bouwwerk’ is zoals bekend gedefinieerd in het Besluit omgevingsrecht. Maar het staat de gemeenteraad vrij om in de planregels een eigen definitie van dit begrip op te nemen, aldus de Raad van State – niet voor het eerst – in zijn uitspraak van 14 augustus 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:2768). Die definitie moet dan wel duidelijk zijn en daaraan ontbrak het in het bestemmingsplan ‘Goïngarijp 2016’ van de gemeente De Fryske Marren. In een eerdere tussenuitspraak van 6 februari 2019 had de Raad van State al geoordeeld dat de definitie zodanig ruim was dat feitelijk elke uitbreiding van een zomerhuis daaronder viel. Het gevolg was dat onduidelijk was of een aan- of uitbouw van een zomerhuis onder de bouwregels voor de uitbreiding van een zomerhuis viel of onder de bouwregels voor bijbehorende bouwwerken bij een zomerhuis.

In het kader van de bestuurlijke lus paste de gemeenteraad de begripsomschrijving aan, onder andere door bijbehorende bouwwerken te definiëren als ‘qua hoogte, alsmede omvang en/of situering ondergeschikt’ aan het hoofdgebouw. Maar dat vindt de Raad van State niet voldoende. Ondanks deze wijziging is nog steeds onzeker of een lagere uit- of aanbouw van een zomerhuis onder de bouwregels voor uitbreiding van een zomerhuis valt of onder de regels voor een bijbehorend bouwwerk. Omdat onduidelijk is wat de gemeenteraad nu precies had willen regelen, blijft het bij een vernietiging en voorziet de Raad van State niet zelf in de zaak.

Geen samenvattingen beschikbaar.

  • ECLI:NL:RVS:2019:2768

    Bij besluit van 24 april 2019 (hierna: het herstelbesluit) heeft de raad het bestemmingsplan "Partiële hervaststelling bestemmingsplan Goingarijp 2016" vastgesteld om het gebrek in het besluit van 29 november 2017 te herstellen.

    Lees verder

Geen regelgeving beschikbaar.

Geen naslag beschikbaar.

ECLI ECLI:NL:RVS:2019:2768
Datum publicatie 23-08-2019