← Terug naar vorige pagina

Bestaand stedelijk gebied (ladder voor duurzame verstedelijking)


AbRvS 29 mei 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1740. Bij besluit van 5 juli 2018 heeft de raad van de gemeente Lansingerland het bestemmingsplan "[locatie 1]" vastgesteld. Het plan voorziet in een actueel juridisch-planologisch kader voor de ontwikkeling van een kleinschalig bedrijventerrein met kavels voor woon-/werkeenheden en bedrijvigheid tot milieucategorie 2, op een perceel achter de [locatie 1] in Bleiswijk, gemeente Lansingerland.

Appellanten betogen dat niet is voldaan aan de ladder voor duurzame verstedelijking. Een van de appellanten stelt dat de raad ten onrechte niet toelicht waarom de veronderstelde behoefte niet kan worden opgevangen binnen het bestaande stads- en dorpsgebied.

Volgens de raad vindt de voorziene ontwikkeling plaats binnen bestaand stedelijk gebied, zoals omschreven in het Bro. In dat verband wijst de raad erop dat het plangebied volgens de Verordening ruimte 2014 van de provincie Zuid-Holland buiten het glastuinbouwgebied en binnen het bestaand stads- en dorpsgebied ligt.
Bij de beantwoording van de vraag of een plangebied als een bestaand stedelijk gebied kan worden aangemerkt, dient volgens de Afdeling te worden beoordeeld of het voorgaande bestemmingsplan binnen het gebied reeds een stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca mogelijk maakt, of het gebied op grond van het voorgaande plan kan worden beschouwd als bij een bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur.

Volgens de Afdeling is niet in geschil dat de gronden van het plangebied in het voorheen geldende bestemmingsplan "Bleiswijk Overbuurtsche Polder" voor het grootste deel de bestemming "Agrarische doeleinden" hadden. Dit betekent dat het voorgaande plan niet een stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca mogelijk maakte binnen het plangebied. Dat het plangebied in de provinciale verordening is aangeduid als bestaand stedelijk gebied, kan er in beginsel niet aan afdoen dat een plangebied niet voldoet aan de eisen die het Bro stelt om als bestaand stedelijk gebied te kunnen worden aangemerkt. Dit betekent dat het bestreden besluit in zoverre in strijd is met artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro.

Geen samenvattingen beschikbaar.

Geen regelgeving beschikbaar.

Geen naslag beschikbaar.

ECLI ECLI:NL:RVS:2019:1740
Datum publicatie 07-06-2019