Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb
0

WoON21 analyse: beeldvorming en realiteit

Het beleid van de Rijksoverheid om vooral kleinere appartementen bij te bouwen in stedelijk gebied, strookt niet met de wensen van actieve woningzoekenden. Dat blijkt uit een analyse door Friso de Zeeuw en Geurt Keers in opdracht van brancheverenigingen WoningBouwersNL en NEPROM. De beleidskeuzes botsen zelfs met de uitkomsten van het driejaarlijkse woonwensenonderzoek WoON21 van het ministerie van BZK.

WoningBouwersNL 30 september 2022

Nieuws-persbericht

Nieuws-persbericht

Het is niet voor het eerst dat beide organisaties constateren dat het overheidsbeleid voor de woningmarkt indruist tegen de wensen van woningzoekenden, waarop de overheid zich juist zegt te richten. Drie jaar geleden werden ook al grote verschillen gezien tussen de gerapporteerde woonwensen en de invulling van het beleid na het onderzoek WoON18. “Niet ‘stedelijk wonen’ met appartementen domineert in de woonwensen, maar eengezinswoningen in groene woonmilieus. Ook is er vraag naar eengezinswoningen met tuin in binnenstedelijke milieus”, constateren onderzoekers.

Vier hardnekkige misverstanden

In de onderbouwing door de overheid van het woningmarktbeleid ontdekten de onderzoekers vier hardnekkige misverstanden. De eerste daarvan is dat ouderen kleiner willen gaan wonen. Uit de analyse van de woonwensen blijkt dat juist deze groep prima tevreden is met de huidige woonsituatie. Het tweede misverstand is dat wanneer ouderen naar appartementen in de binnensteden zouden verhuizen, zij voldoende woningen achterlaten om te voorzien in de vraag van gezinnen. De onderzoekers zien juist dat 70% van alle nieuwbouw uit eengezinswoningen zou moeten bestaan.

Overschot middeldure huurwoningen dreigt

Een derde misverstand is dat starters vooral in goedkope appartementen in de stad willen wonen. Terwijl zij juist aangeven, net als gezinnen en ouderen, een eengezinswoning in een groene omgeving te willen. Dat verklaart de grote vraag naar nieuw te bouwen eengezinswoningen. Het vierde misverstand betreft de 70% betaalbare en middeldure woningen waarnaar de overheid streeft. “Zo ontstaat er mogelijk zelfs een overschot aan middeldure huurwoningen”, stellen de onderzoekers. “Met een woningbouwprogramma van 25% goedkoop, 35% middelduur en 40% dure woningen in de gewenste woningtypen en woonmilieus komt de optimale doorstroming tot stand.”

Meer aandacht voor doorstroming

In de discussie rondom het overheidsbeleid ligt de nadruk vooral op de benodigde aantallen nieuwe woningen, terwijl voor het op gang brengen van de doorstroming juist zou moeten worden gebouwd naar de wensen van woningzoekenden. “We constateren dat deze kwalitatieve woningvraag als onderwerp vermeden wordt in het rijksbeleid. Dat is schadelijk, omdat op deze manier veel ruis blijft bestaan over de woonwensen van Nederlanders.”

De analyse van de woonwensen van actieve woningzoekenden in Nederland is terug te vinden in het rapport ‘Zo willen Nederlanders wonen: beeldvorming en realiteit’, uitgebracht door WoningBouwersNL en NEPROM.

Minister Hugo de Jonge en de Tweede Kamer zijn op de hoogte gesteld van het rapport en de bevindingen.

Publicaties

Zo willen Nederlanders wonen: Beeldvorming en realiteit

Brief aan Hugo de Jonge over resultaten WoOn 2021

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.