nieuws

The final countdown. Nieuwe inlichtingenplicht energiebesparende maatregelen inrichtingen

13-06-2019

De kranten staan er vol mee, de klimaatdoelstellingen die moeten worden gehaald. Dit resulteert niet alleen in vette krantenkoppen, maar ook in nieuwe regelgeving. Een voorbeeld daarvan is een handhaafbare verplichting voor bedrijven om energiebesparende maatregelen te nemen. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben vanaf 1 juli 2019.

1. The basics

Het Activiteitenbesluit is van toepassing op ‘inrichtingen’. Zonder in allerlei juridische haarkloverij te willen vervallen; een inrichting is doorgaans een bedrijf waarvan enige milieubelasting verwacht wordt (denk bijvoorbeeld aan geluid of uitstoot van stoffen). De (rechts)persoon die zo’n bedrijf leidt is de ‘drijver’ van een inrichting.

Juristen verdelen dit soort bedrijven in drie types; A-inrichtingen, B-inrichtingen en C-inrichtingen. C-inrichtingen zijn doorgaans de zwaarste categorie van milieubelastende bedrijven en vergunningplichtig. Voor A- en B-inrichtingen gelden in hoofdzaak algemene regels (naast eventuele maatwerkvoorschriften). Die algemene regels zijn opgenomen in het Activiteitenbesluit.

2. Old school

Op grond artikel 2.15 Activiteitenbesluit geldt voor sommige drijvers van een A- of B-inrichting de verplichting om alle energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van vijf jaar of minder te nemen.

De verplichting om energiebesparende maatregelen te nemen is overigens helemaal niet nieuw; al sinds 1993 (!) is in wetgeving een energiebesparingsverplichting opgenomen. Vanaf 2008 is deze verplichting opgenomen in artikel 2.15 Activiteitenbesluit.

Deze verplichting geldt voor inrichtingen waarin het energiegebruik in een jaar 50.000 of meer kilowattuur aan elektriciteit en/of 25.000 kubieke meter of meer aardgasequivalenten aan brandstoffen omvat. Tot zover niets nieuws onder onze grootste energiebron (de zon).

3. Brand new!

Wat wel nieuw is, is dat sinds 2 mei 2019 van dit jaar voor deze bedrijven de verplichting geldt om uiterlijk 1 juli 2019 (en daarna eenmaal per vier jaar) inlichtingen over deze getroffen energiebesparende maatregelen te hebben verschaft. Het doel van de inlichtingenplicht is het bevorderen van naleving van de bestaande energiebesparingsplicht. De overheid zal met de invoering van deze inlichtingenplicht naar verwachting beter en adequater kunnen handhaven op de verplichting om energiebesparende maatregelen te nemen.

Het is de bedoeling dat met deze wijzigingen de klimaatdoelstellingen voor 2020 weer binnen bereik worden gebracht. Ook wordt met deze wijziging door de wetgever vooruit gelopen op de energiebesparingsverplichting die onderdeel wordt van de Omgevingswet. Kort en goed; grote energieverbruikers moeten voldoen aan artikel 2.15 Activiteitenbesluit en moeten daarover rapporteren bij de overheid.

Ontbreekt deze rapportage of blijkt uit deze rapportage dat onvoldoende maatregelen zijn getroffen; dan kan de overheid gaan handhaven (bijvoorbeeld door het opleggen van een last onder dwangsom). Voor zowel overheden (in het bijzonder de Rudi’s) en drijvers van A- en B-inrichtingen dus een bijzonder relevante wijziging in de regelgeving. Handhaving door het opleggen van lasten onder dwangsom kan voor bedrijven aardig in de papieren lopen.

Zoals bij vrijwel elke wettelijke regeling gelden ook hier weer uitzonderingen op de plicht van artikel 2.15 Activiteitenbesluit. Zonder een uitputtende toelichting te willen geven: de verplichtingen zijn bijvoorbeeld niet van toepassing op ETS-ondernemingen (dit zijn inrichtingen die onder het Europese CO2-emissiehandelssysteem vallen) en glastuinbedrijven die deelnemen aan het CO2-vereveningssysteem. De inlichtingenplicht is daarnaast niet van toepassing op degene die een inrichting drijft die is toegetreden tot de meerjarenafspraak energie-efficiëntie.

4. What to do?

Bent u een drijver en komt u op grond van het bovenstaande tot de conclusie dat u verplicht bent energiebesparende maatregelen te nemen en deze te rapporteren, dan is het zaak actie te ondernemen.

Stap 1 is dat een bedrijf na kan gaan of er voor de branche erkende maatregelen zijn vastgesteld. Deze erkende maatregelen kunt u vinden in bijlage 10 bij de Activiteitenregeling milieubeheer.

Voor de nieuwsgierigen onder u; milieuwetgeving is dikwijls gelaagd opgebouwd. De wet, in dit geval de Wet milieubeheer bepaalt de hoofdlijnen. Onder de wet ‘hangt’ het Activiteitenbesluit milieubeheer. Daaronder ‘bungelt’ de Activiteitenregeling milieubeheer. Hoe lager het niveau van de betreffende regeling, hoe concreter de opgenomen normen.

Als een inrichting alle erkende maatregelen heeft genomen, dan wordt in ieder geval voldaan aan artikel 2.15 Activiteitenbesluit. Een inrichting is echter niet verplicht om de aangewezen erkende maatregelen te nemen. Het staat de drijver van de inrichting vrij om op een andere manier aan de energiebesparingsverplichting te voldoen dan via het treffen van (alle) erkende maatregelen. Dit is ook noodzakelijk indien voor uw bedrijf geen erkende maatregelen zijn vastgesteld. In zo’n geval bevat de rapportage een omschrijving van de maatregelen die, in plaats van de erkende maatregelen, zijn getroffen.

Stap 2 is het daadwerkelijk op tijd rapporteren. De rapportage in de zin van artikel 2.15 Activiteitenbesluit vindt plaats door middel van een formulier dat door de minister is vastgesteld (art. 2.16a Activiteitenregeling). Zoals gezegd: als de drijver van de inrichting geen rapportage of een onjuiste rapportage indient, voldoet zij niet aan de informatieplicht. Inrichtingen kunnen het formulier invullen en indienen via het eLoket van RVO.nl. Meer informatie en een stappenplan voor het rapporteren van de energiebesparende maatregelen kunt u vinden op de website van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

5. To be complete

Naast de energiebesparingsverplichting op grond van artikel 2.15 Activiteitenbesluit geldt voor sommige ondernemingen een EED-auditplicht op grond van de Europese Energie-Efficiency Richtlijn (EED-Richtlijn). Deze auditplicht kan gelden als de onderneming (al dan niet in concernverband bezien) of wel meer dan 250 fte in dienst heeft dan wel een jaaromzet van € 50 miljoen of meer en een jaarlijks balanstotaal van meer dan € 43 miljoen heeft. Als voor een inrichting (al dan niet in concernverband) een EED-auditplicht geldt dan dient uiterlijk op 5 december 2019 aan de inlichtingenplicht te zijn voldaan.

Door Elzelou Grit en Doreth Loonstra

Meer van Omgevingsweb

Gerelateerd nieuws

Energietransitie in de gebouwde omgeving - voor programmamanagers

Tijdens de 2-daagse cursus leert u op beleidsniveau te denken om een warmteplan te komen en na afloop kent u het proces en de verschillende spelers en belangen.

→ Lees meer

Kennismarkt 2019 - Omgevingswet en Energietransitie

→ Lees meer

Bodemenergie in de energietransitie

Deze cursus geeft inzicht in welke bijdrage bodem-energie kan leveren aan duurzaamheidsambities, waarbij wordt ingegaan op de verschillende vormen, de aandachtspunten en tools en de rol van de overheid.

→ Lees meer

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws. Word lid van onze gratis nieuwsbrief!

Schrijf je in