Menu

Zoek op
rubriek
Omgevingsweb

Koninklijke besluiten gepubliceerd in februari 2020

Veel aandacht voor de terinzagelegging en onderhandelen over het geheel tijdens het minnelijk overleg. Onteigening in het kader van stikstofmaatregelen (PAS), verbetering van Rijksweg A1 en voor de realisatie van provinciale infrastructuur. In de maand februari 2020 zijn de volgende KB’s gepubliceerd:

Hiddema, Marlotte
23 maart 2020

Nieuws-persbericht

Nieuws-persbericht

  • Besluit van 23 januari 2020, nr 2020000142 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Hoeksche Waard krachtens artikel 72a van de onteigeningswet (onteigening voor de reconstructie van de provinciale weg N489, met bijkomende werken in de gemeente Hoeksche Waard), Titel IIa ;

  • Besluit van 23 januari 2020, nr. 2020000137 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente West Betuwe krachtens artikel 78 van de onteigeningswet (onteigeningsplan PAS-maatregel Lingegebied en Diefdijk-Zuid), Titel IV;

  • Besluit van 23 januari 2020, nr. 2020000115 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeenten Deventer en Lochem krachtens artikel 72a van de onteigeningswet (2e verzoek om onteigening voor de reconstructie van de rijksweg A1 Apeldoorn – knooppunt Azelo (fase 1), met bijkomende werken in de gemeenten Almelo, Apeldoorn, Deventer, Hof van Twente, Lochem, Rijssen-Holten, Voorst en Wierden), Titel IIa;

  • Besluit van 20 januari 2020, nr. 2020000094 tot aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening in de gemeente Gilze en Rijen krachtens artikel 78 van de onteigeningswet (onteigeningsplan N282), Titel IV.

VERBETERING PROVINCIALE WEG N489 – REGIO HOEKSCHE WAARD

In het KB Hoeksche Waard wijst de Kroon percelen ter onteigening aan voor verbetering van de provinciale weg N489. Tegen het ontwerp-KB hebben twee reclamanten zienswijzen ingebracht. De eerste reclamant stelt dat na uitvoering van het plan, de ontsluiting van hun perceel op de openbare weg onveiliger wordt. Daarbij hebben reclamanten alternatieven aangedragen waarbij ook gronden van de gemeenten in de plannen werden betrokken. De Kroon concludeert dat deze zienswijze planologisch van aard is en dat deze in het kader van de administratieve onteigeningsprocedure niet zelfstandig wordt beoordeeld. Dit hadden reclamanten in de procedure op grond van de Wro aan de orde moeten stellen.

TERINZAGELEGGING LOGBOEKEN VERPLICHT?

Een andere reclamant brengt meerdere zienswijzen naar voren. Ten eerste betoogt hij dat zorgvuldigheids- en rechtszekerheidsbeginsel geschonden zijn doordat de onteigeningsstukken niet compleet en op de juiste locatie ter inzage zijn gelegd. Onder andere de stukken met betrekking tot het minnelijk overleg en een belanghebbendenlijst ontbraken bij de terinzagelegging. De Kroon overweegt dat de ter inzage te leggen onteigeningsstukken opgesteld dienen te worden overeenkomstig artikel 63 lid 2 Onteigeningswet en de Handreiking. Deze stukken moeten een uitgewerkt en uitvoerig inzicht geven in de oppervlakten van onroerende zaken die noodzakelijk zijn voor de aanleg van de te maken werken. De bedoelde logboeken en de belanghebbendenlijst maken hier geen deel van uit. Het staat de belanghebbende vrij om de logboeken bij de Kroon op te vragen.

Cruciaal is dat het hier  een titel IIa onteigening betreft. De reclamant had wellicht titel IV voor ogen waarin in artikel 78 Ow is bepaald dat in ieder geval ter inzage worden gelegd de in artikel 79 Ow bedoelde stukken en gegevens. Bij titel IV onteigeningen is op grond van dat artikel  het logboek en de lijst met belanghebbenden wel noodzakelijk bij de terinzagelegging.

SITUATIETEKENING AKKOORD?

Daarnaast geeft reclamant aan dat bij de situatietekeningen de documentversie ontbreekt, dat het blokje documentstatus niet is ingevuld en dat bij de grondtekeningen de naam van de maker, de datum en de versie ontbreekt. De Kroon doet deze zienswijze af met de mededeling dat de Handreiking aandachtspunten en aanwijzingen geeft voor het opstellen van de onteigeningsstukken. Naar het oordeel van de Kroon geven de tekeningen bij terinzagelegging voldoende inzicht in het te realiseren werk en de oppervlakten van de onroerende zaken die noodzakelijk zijn voor de aanleg van het werk. Bovendien zou de bedoelde missende informatie, op een ander gedeelte van het document, wel terug te vinden zijn.

WEERGAVE LOGBOEK

Vervolgens betoogt reclamant dat onvoldoende minnelijk overleg is gevoerd en dat de onteigening daarom prematuur is. Hij stelt dat het logboek niet compleet is en een onjuiste weergave is van waarom niet tot overeenstemming is gekomen. Verder voert reclamant aan dat de omschrijving van de in het logboek opgenomen reden waarom geen overeenstemming is bereikt tijdens het minnelijk overleg, onjuist is. De Kroon oordeelt dat deze omschrijving in het logboek ruimte biedt voor een samenvatting van het verloop van het overleg. Uit het gehele logboek blijkt volgens de Kroon duidelijk waarom partijen (vooralsnog) niet tot overeenstemming zijn gekomen.

ONTEIGENING STIKSTOF

Het KB Lingegebied en Diefdijk-Zuid is het eerste KB waarin de Kroon gronden ter onteigening aanwijst vanwege stikstofmaatregelen. De Kroon concludeert dat de realisatie van bron- en herstelmaatregelen uit het PAS onverminderd urgent is. Lees meer over dit KB in deze uitgebreide bijdrage.

GEBREK TERINZAGELEGGING, NIET IN BELANGEN GESCHAAD

In het derde KB van afgelopen maand wijst de Kroon gronden ter onteigening aan voor het mogelijk maken van de reconstructie van de rijksweg A1 Apeldoorn – knooppunt Azelo met bijkomende werken.

De gemeente Deventer brengt in haar zienswijze naar voren dat de noodzaak voor onteigening ontbreekt. In het bijzonder zou geen reële invulling zijn gegeven aan het vereiste minnelijk overleg zoals bedoeld in artikel 17 van de Onteigeningswet. De gemeente en Rijkswaterstaat verschillen van mening over toekomstige inkomsten in de vorm van een exploitatiebijdrage bij de begroting van de schadeloosstelling. De Kroon oordeelt dat dit betoog financieel van aard is en dat dit aspect bij de administratieve onteigeningsprocedure niet aan de orde kan komen.

Verder stelt de gemeente dat de kadastrale eigendomsinformatie ontbrak bij de terinzagelegging. De Kroon is van oordeel dat de gemeente hierdoor niet in haar belangen is geschaad. De Kroon komt tot dit oordeel omdat de gegevens in het kadaster voor een ieder toegankelijk is. Deze gegevens vormen enkel de grondslag van grondtekeningen die op hun beurt wél ter inzage hebben gelegen.

RECONSTRUCTIE PROVINCIALE WEG N282 – GILZE EN RIJEN

In het laatste KB Gilze en Rijen N282 is discussie over het bestemmingsplan. Beide reclamanten betogen dat het bestemmingsplan onvoldoende is om het publieke belang van de onteigening te staven. Het bestemmingsplan is nog niet onherroepelijk. Reclamanten baseren zich op de tussenuitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 15 mei 2019.

In die uitspraak oordeelt de Afdeling dat de gemeenteraad onvoldoende gemotiveerd heeft dat het bestemmingsplan N282 strekt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening. De raad heeft de opdracht gekregen om het besluit alsnog toereikend te motiveren. Reclamanten stellen dat daardoor de kans aanwezig is dat het tracé nog zal wijzigen. Daarom zou het bestemmingsplan onvoldoende het publiek belang onderbouwen, althans is de onteigening prematuur.

KOPPELING PLANOLOGIE

Tijdens de hoorzitting heeft de provincie (verzoeker) toegelicht dat de gemeenteraad de tracékeuze nog nader motiveert. De provincie ziet desondanks momenteel geen aanleiding om te verwachten dat het tracé zal worden gewijzigd. De Kroon gaat mee in het betoog van de provincie. Het bestemmingsplan onderstreept in voldoende mate het publieke belang van de verzochte onteigening. Bovendien worden de belangen van de reclamanten gewaarborgd door de opschortende en ontbindende voorwaarden die aan dit KB zijn verbonden. De provincie zal niet overgegaan tot dagvaarding vóórdat het bestemmingsplan onherroepelijk is voor de in het onteigeningsplan begrepen onroerende zaken. Tevens vervalt het KB als bestemmingsplan N282 met betrekking tot die gronden strandt.

Verder betogen beide reclamanten dat de noodzaak voor de onteigening ontbreekt voor de bestemming “Maatschappelijk – Militaire vliegbasis 2”. Ze stellen dat deze gronden niet benodigd zijn voor de reconstructie van de N282. Verzoeker heeft toegelicht dat door de reconstructie van de weg openbaar gebied dichterbij de vliegbasis komt te liggen. Door de ligging van het tracé ontstaan er enkele overhoeken tussen de nieuwe weg en het terrein van de vliegbasis. Daar is het samengevat moeilijk toezicht op te houden. Daardoor belemmeren deze overhoeken een veilige afscherming van de vliegbasis. Naar het oordeel van de Kroon heeft verzoeker voldoende aannemelijk gemaakt dat onteigening noodzakelijk is voor de uitvoering van het bestemmingsplan. Overige aspecten van de zienswijze zijn planologisch van aard.

MINNELIJK OVERLEG: AANKOOP GEHEEL?

Reclamanten voeren ten slotte aan dat onvoldoende minnelijk overleg gevoerd is. Zo hanteert de provincie bijvoorbeeld ten onrechte het standpunt dat een van de reclamanten zijn truckersrestaurant kan omvormen tot een pannenkoekenhuis. De andere reclamant stel dat de provincie het geheel zou moeten aankopen. Het werk zou haar woon- en leefklimaat te ernstig aantasten. Beide reclamanten worden al met al niet in hun standpunten gevolgd.

Het beroep van een van de reclamanten op artikel 38 Ow beoordeelt de Kroon niet inhoudelijk. Ingevolge dit artikel hebben eigenaren in bepaalde omstandigheden de mogelijkheid om overname van het geheel te vorderen bij gedeeltelijke onteigening. Deze mogelijkheid komt pas in het kader van de gerechtelijke onteigeningsprocedure aan de orde. Voordien kan aankoop van overige gedeelten dan het geheel in het minnelijk overleg tussen de verzoeker en belanghebbenden betrokken worden. De verzoeker is echter niet verplicht om tot gehele aankoop over te gaan.

Artikel delen