← Terug naar vorige pagina

Werken met de omgevingsvisie: visievorming onder de Omgevingswet

Voorwoord bij de geheel herziene tweede druk

De inkt van het koninklijk besluit na aanvaarding in de Eerste Kamer van de Omgevingswet is nog maar net droog. Een van de grootste wettelijke transities van de laatste jaren lijkt voltooid. De wet wordt nu aangevuld met algemene maatregelen van bestuur en een nieuwe Grexwet (Aanvullingswet Grondeigendom). Een proces waarin Ruimtelijke Ordening zich ontwikkelt naar Omgevingsbeleid. Met daarin alle aspecten benoemd en geregeld die vroeger in vele aparte wetten werden geregeld. En dan is er nog een tweede aspect. De nieuwe wet gaat er ook van uit dat we op een andere wijze de samenleving betrekken bij de ontwikkeling van het omgevingsbeleid. Niet zomaar participatie, maar bewust co-creatie van een visie op de gewenste ontwikkeling van onze fysische omgeving. Daarmee komen ook parlement, staten en raden en bestuurscolleges in een andere positie. Namelijk als co-creator. Visie op een grondgebied is ongelooflijk belangrijk. De markt en maatschappelijke organisaties en belangengroepen creëren wel plannen, maar het is het recht en de taak van de overheid om een kader te bieden waarin zij vastlegt wat de gewenste ontwikkelingsrichting is. Marktpartijen vragen daar ook om, omdat dat hen helpt om vast te stellen waar de investeringen voor de lange termijn neer zullen dalen en hoe dat zich met hun eigen idee verhoudt.

De formele inwerkingtreding vindt pas plaats in 2018, maar er wordt al intensief gewerkt aan het product omgevingsvisie. Begin 2016 heeft de Minister van Infrastructuur en Milieu, naar aanleiding van een pilot die geheel 2015 liep, een rapport aan de Tweede Kamer aangeboden van de Beroepsvereniging voor Stedenbouwkundigen en Planologen over de eerste ervaringen met omgevingsvisies in Nederland. Die ervaringen zijn ook al in dit grote en brede handboek verwerkt. Een ander belangrijk punt is dat niet alleen voor het visieniveau, maar ook voor de doorwerking en uitvoering, de wijze waarop de omgevingsvisie wordt opgesteld, belangrijk is. Waar we gemeenschappelijk werken aan onze omgeving, is kostenverhaal vanuit marktontwikkeling naar collectieve voorzieningen die mede ten dienste van die projecten worden gerealiseerd, van belang. In het voorliggende handboek wordt daar uitvoerig op in gegaan, evenals op de brede afwegingsruimte die het bestuur gaat krijgen met de nieuwe wet in de hand. Dat vereist veel voorbedachte rade en zorgvuldigheid, als men straks bij de raden of bij de Raad van State staat omdat verantwoording moet worden afgelegd over de keuzes die voortvloeien uit die afwegingen.

Kortom, ook al is de wet nog maar net klaar, het is zeer relevant om vanuit de kennis in dit handboek aan het werk te gaan.

Em. prof. ir Joost Schrijnen

Geen regelgeving beschikbaar.

Geen samenvattingen beschikbaar.

Geen jurisprudentie beschikbaar.

Werken met de omgevingsvisie: visievorming onder de Omgevingswet

Datum laatste wijziging 01-04-2016
Bestellen